Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het hof te Innsprucl tusschen Slaven en Hongarer

aannam, dat zij niet alleen tegen de Hongaarsche, maar ook tegen de keizerlijke regeering in verzet kwam. Hoewel hij dus opnieuw zijn macht te buiten ging, zag hij er niet tegen op eigenmachtig den Landdag te Agram bijeen te roepen, waarbij, kenschetsend genoeg, het kiesrecht beperkt werd tot Grieksch- en Roomsch-katholieken, eu den afgevaardigden de eisch werd gesteld van te kunnen lezen en schrijven. Het laatste was zonder twijfel een veel sterker beperking dan het eerste.

Op den Landdag, die den 5(lea Juni bijeenkwam, kostte het groote moeite de eendracht tusschen Grieken en katholieken te bewaren en het bondgenootschap met het zelfstandige Servië, zooals dit door de Serviërs geëischt werd, te doen aannemen. Alleen tegenover Hongarije was eendracht, en de verschillende bepalingen, die gemaakt werden ter bevestiging der zelfstandigheid des lands, zooals de 11 lyrische partij die opvatte, vonden weinig tegenstand, hoewel zij niet veel minder onbestaanbaar waren met de Oostenrijksche monarchie, dan die welke de autonomie van Hongarije hadden bevestigd.

Doch in de allereerste plaats was het voor den ban en den Landdag noodïg zich met den keizer te verzoenen. Anders was het onmogelijk den strijd met Hongarije te beginnen. Eu of dat zou gelukken scheen twijfelachtig, daar men in des keizers omgeving uiterst ontevreden was met beider eigenmachtigheid. De Hongaarsche minister-president Batthyany was zelf naar Innspruck gegaan eu had niet alleen gedaan gekregen dat de keizer den ban beval den Landdag te ontbinden en terstond naar Innspruck ter verantwoording te komen, maar zelfs verworven dat den 10(len Juni in een keizerlijk manifest de handelingen der tegen de Hongaren in verzet gekomen Slaven eu Roemenen scherp veroordeeld werden.

Om verdere gevolgen van deze houding te voorkomen, trokken in het midden van Juni zoowel Jellachich als een deputatie van den Agramer Landdag naar Tnnspruck. Maar zij zouden er misschien niet veel hebben uitgericht, wanneer de gebeurtenissen in Hongarije geen omkeer in de gezindheid der hof- en der daarmede verbonden militaire partij, die bovenal de eenheid der monarchie tegenover het buitenland en het monarchaal gezag voorstonden, hadden bewerkt.

Terwijl zij naar Innspruck reisden, was het tusschen de troepen van den Hongaarschen commissaris eu de Serviërs tot vijandelijkheden gekomen, waarbij de laatsten de aanvallen der eersten hadden afge-

Sluiten