Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

evenals in Italië, nieuwe strijd voor de deur, maar de kansen stonden er evenmin gunstig voor wie de vruchten der omwenteling veilig zochten te bergen.

Materieel was het voor geheel Midden-Europa een onvruchtbaar jaur geweest, en bijna evenzeer voor de landen, welke geen deel aan de beweging hadden gehad. Want onder zulke omstandigheden als waarin eenige der grootste staten verkeerden, moest het in de eerste plaats veiligheid en orde behoevende verkeer zich wel beperken tot het noodzakelijkste. De voortbrenging stond stil, het verbruik werd zooveel mogelijk ingekrompen. Van zelf oefende dit een nadeeligen invloed op de welvaart der overige landen uit, die toch al zooveel geleden hadden onder de crisis, welke het onvoorziens uitbreken der revolutie ten gevolge had gehad. In die dagen waren de staatspapieren nog het hoofdbestanddeel der aan de beurzen verhandelde waaiden. De spoorwegen waren wel is waar grootendeels niet van staatswege gebouwd, maar toch meestal onder staatswaarborg, behalve in Engeland en Amerika. Hun aandeelen en obligatiën stonden dus in zekeren zin met staatspapieren gelijk. En nu was het juist het staatscrediet dat den ergsten schok kreeg. De vrees, dat in het een of andere land, in Frankrijk b. v. of in Oostenrijk, een staatsbankroet zou plaats hebben, was algemeen en had ook op de buitenlandsche beurzen een paniek teweeg gebracht. Bijna nergens was daarom het openbaar crediet geheel ongeschokt, en het particulier crediet leed daaronder zoodauig, dat bijna iedereen zijdelings of rechtstreeks de gevolgen der omwenteling ondervonden had.

Dit zou minder gevoeld zijn geworden, als aan het einde van het jaar ergens iets blijvends tot stand ware gebracht. Doch dat was nergens het geval. Algemeene vrees en onrust bleef in de gemoederen heerschen. De een vreesde voor een herleving dtr reactie, de ander voor het roode spook; één ding alleen was zeker, dat de liberale en nationale beweging in de meeste landen geenszins beantwoord had aan de verwachtingen waaronder zij was begonnen.

Vandaar dat thans zoo weinigen nog hoopvol in de toekomst zagen. Wat er stond te gebeuren was onzeker, maar dat het nieuwe jaar niet veel goeds zou brengen, daar was iedereen van overtuigd. Mismoedigheid en teleurstelling hadden bij den aanvang van 1849 overal den boventoon.

Sluiten