Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

legenheden opgedragen, een bestuur, uit gevolmachtigden der deelnemers gevormd, ingesteld , en aan het Duitsche volk een constitutie beloofd, naar een weldra aan een vergadering van afgevaardigden der bevolking voor te leggen ontwerp, en eindelijk voor de onmiddellijke instelling van een bondsgerechtshof gezorgd, ter beslechting van in den bond gerezen verschillen.

Alle Duitsche regeeringen werden tot toetreden uitgenoodigd. Beust en Stiive behielden zich bij de onderteekening slechts een nadere verklaring omtrent de vraag van het oppergezag voor. Den 28sten werd deze ingediend; zij hield echter niets anders in dan de mededeeling, dat de regeeringen van Saksen en Haunover slechts tot het verbond toegetreden waren, in de veronderstelling, dat. alle Duitsche staten, behalve Oostenrijk, deel van den nieuwen bond zouden uitmaken. Zoo dus de Zuid-Duitsche regeeringen niet vóór de opening der bijeen te roepen vergadering van afgevaardigden zouden zijn toegetreden, behielden zij zich nadere onderhandeling over de constitutie van den bond voor.

De Pruisische regeering en haar vertegenwoordiger Radowitz waren naïef genoeg om niet in te zien, dat dit voorbehoud evenveel beteekende als dat Saksen en Hannover hun toetreding terugnamen, voor het geval Beieren weigerde, en om nog minder te vermoeden, dat Beust en Stüve reeds toen wisten dat Beieren niet zou toetreden, zoodat de geheele oprichting van het «Driekoningen-verbond" waardeloos was en slechts zou dienen om Pruisen te beletten zich op andere wijs den tijd te nutte te maken ter verzekering van zijn oogeublikkelijk overwicht. Zoomin de koning als zijn ministers schijnen gevat te hebben, dat den Duitschen koningen geen andere vorm van vereeuiging van Duitschland aangenaam kon zijn dan de oude Duitsche Bond, onder voorzitting van Oostenrijk, en dat Hannover en Saksen alleen daarom zich niet tegen Pruisen stelden, omdat zij binnen den kring van den Pruisischen invloed lagen. Beiden gaven zich geen rekenschap van den werkelijkeu toestand.

Daar Frederik Willem geen andere dan geheel vrijwillige toetreding wilde, werd de tijd met doellooze onderhandelingen met Beieren en allerlei nuttelooze besprekingen met andere staten zoek gemaakt, tot dat in het begin van Juli duidelijk aan den dag kwam, dat de nederlaag der Hongaren met zekerheid was vooruit te zien. Toen wierp Beieren het masker af, en verklaarde zijn leidende minister Von der Pfordten, een vroegere radicaal, die nog altijd liberaal, maar tevens

Sluiten