Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tegen dien grondslag te bemerken. De democraten, de volgers van Mazzini, wilden een democratische republiek van Italië maken, maar dachten zoo weinig aan het aantasten van het eigendom, dat zij later elke verbinding met de socialistische revolutiounairen afwezen. Zij beoogden uitsluitend politieke en nationale doeleinden, geen maatschappelijke. In Oostenrijk had de beweging meer dan elders gevolgen voor het maatschappelijke leven; de bevrijding van den boerenstand was daar een blijvend, ook door de reactie niet aangetast gevolg der revolutie, zoowel in de Duitsche en Slavische, als in de Hongaarsche landen. Maar die bevrijding was niet het werk der eigenlijke revolutionnaire beweging geweest, zij was niet door de boeren afgedwongen, maar op wettige en regelmatige wijs tot staud gekomen door samenwerking van bevolking en regeeriug. Groote sociale beroeringen waren er niet mede gepaard gegaan; liet eigendom was nergens aangetast geworden, dan in zoover de heerlijke rechten eigendom konden heeten. Eigenlijke socialisten en communisten hadden nergens een rol gespeeld, zelfs niet bij den Weener October-opstand, om van de Hongaarsche en Slavische bewegingen, welke in de eerste plaats nationaal, in de tweede politiek waren, niet te spreken.

Toch was iedereen in die dagen bevreesd voor sociale beroeringen, men verwarde voortdurend democratie en socialisme, en stelde zich de wereld voor als bedreigd door een groote socialistisch-democratische samenzwering. De reactionnairen en conservatieven zagen in alle liberalen democraten, in alle democraten socialisten. Nog langen tijd bleef dat zoo; de eigenlijke maatschappelijke beweging, zooals zij zich in de laatste veertig jaren der negentiende eeuw heeft vertoond, was in die dagen nog in een staat van wording en voorbereiding. Ook in de volgende twintig jaren is dat het geval geweest; waar zij werkelijk invloed deed gevoelen, mocht zij een oogenblik de democratische beweging, welke, evenals zij, zoowel tegen de oude als tegen de moderne staatsinstellingen krijg voerde, versterken en eenigszius in haar richting drijven, maar haar merk op het tijdperk zetten vermocht zij nog geenszins.

Dat was volstrekt niet te verwonderen. Immers, de maatschappelijke toestanden, welke de socialistische beweging gemaakt hebben tot een geweldige maatschappelijke strooming, algemeener en, in sommige opzichten misschien, krachtiger dan de andere stroomingen, welke in de negentieiide-eeuwsche maatschappij zich hebben vertoond, bestonden

Sluiten