Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De Spaansche koloniën na 1848.

I

(

]

<

welke de eene regeering van de andere moest overnemen zonder verbetering er in te kunnen brengen. Alleen van een zeer zuinig beheer en van algemeene toewijding aan het algemeen welzijn (juist de twee dingen die in Spanje het meest onbereikbaar waren) was verbetering te verwachten. Thans bleef het bij palliatieven, al bewees ook de vermeerdering der opbrengst van de belastingen op vermeerderde draagkracht der natie. Spanje is onder dien last voortdurend blijven zuchten.

Voortdurende zorg baarde aan de Spaansche regeering de handhaving van het bezit zijner voornaamste kolonie. Cuba stond te meer bloot aan gevaar van de zijde der Vereenigde Staten, omdat de zuidelijke slavenhouders in de vermeestering van dat eiland een groote uitbreiding van hun macht en invloed zagen. Niet alleen omdat het een zoo bloeiend land was, dat voor de teelt van alle voortbrengselen die in de zuidelijke staten groeiden uitermate geschikt was, en omdat liet sinds lang de beste tabak voortbracht die de wereld kende, maar bovenal omdat het eene slavenkolonie was, waar de getalsverhoudingen van vrije blanken en zwarte slaven, met de onvermijdelijke tusschenklasse van halfbloeden , niet veel verschilde van die in sommige slavenstaten der Unie.

De sedert de laatste jaren opgetreden en door herhaalde maar steeds mislukte bewegingen merkbaar geworden partij onder de Cubanen, welke de afscheiding der kolonie beoogde, vond dan ook ruimschoots steun in de Unie, bepaaldelijk in het Zuiden: haar voornaamste aanvoerder, Lopez, had er de wijk genomen en in 1850 van daaruit een poging gedaan om, aan het hoofd eener uit personen van allerlei natiën bestaande vrijschaar, zich op Cuba vast te zetten. Door de Cubaansche militie aangetast, had hij toen de wijk moeten nemen naar de Vereenigde Staten en was daar wel aangeklaagd geworden, maar wegens gebreken in den vorm vrijgelaten. De Amerikaansche regeering, die al in 1849 een soortgelijke onderneming oogluikend had toegelaten, was daarbij uiterst partijdig opgetreden, en had van den Spaanschen gouverneur-generaal de invrijheidstelling van reeds gevangen genomen Amerikanen afgedwongen. In Spanje verwekte dat groote verbittering, ïie nog steeg, toen een jaar later, in den zomer van 1851, de poging loor 1 jopez, thans aan het hoofd van een nieuwe soortgelijke bende, iverd herhaald. Hij de eerste gevechten reeds was een vijftigtal Amerikanen gevangen genomen, naar Havana gevoerd en daar gefusileerd, rat tot een woeste uitbarsting van volkshaat tegen het Spaansche conmlaat te New-Orleans leidde. Niet lang daarna werd Lopez zelf ge-

Sluiten