Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in Pruisen tot geen tweespalt aanleiding gegeven. Maar wel schijnt de langdurige spanning en de weinig gunstige afloop voor Frederik Willem noodlottig te zijn geworden.

Reeds weinige maanden later, te midden van allerlei nieuwe moeilijkheden met Oostenrijk, trof hem een beroerte, en het hersenlijden, dat reeds lang bij hem bestond en waarschijnlijk niet vreemd was aan zijn dikwijls onberekenbaren gemoedstoestand, brak opnieuw uit. Den 23'ten October 1857 werd den prins van Pruisen de waarneming van het koninklijk ambt voor de eerste drie maanden opgedragen, en toen de koning niet beter werd, werd die opdracht herhaald. Maar een dergelijke toestand was ondragelijk. De prins was een geheel ander man, met geheel andere begrippen, dan de koning; hij kon niet voor dezen de regeering in diens geest blijven waarnemen, zooals nu het geval moest wezen. Doch juist daarom verzette zich de feodale partij, gesteund door den invloed der koningin en der camarilla, zich tegen zijn zelfstandig regentschap. liet deed er in haar oogen niets toe, dat dit laatste onder de bestaande omstandigheden in de grondwet was voorgeschreven. Die grondwet was door den koning gemaakt, beweerden zij, en hij was niet aan zijn eigen maaksel gebonden. Het ministerie was verdeeld; enkele leden meenden den constitutioneelen weg te moeten inslaan, andere uitsluitend den koning ter wille te moeten wezen. De koning zelf wilde van geen regentschap weten; hij was ziekelijk gehecht aan een gezag, dat hij uiet kon uitoefenen, en hij had geen rust bij de gedachte, dat zijn natuurlijke opvolger zoo geheel andere sympathieën koesterde dan hij zelf. De prins bleef met merkwaardige zelfbeheersching geduld oefenen, en, zooals hij beloofd had, regeeren in den geest van den koning. Aan geen benoeming was te zien dat haar oorkonde een andere naainteekening droeg dan die des konings. Maar langer dan een half jaar zulk een toestand te verdragen was niet mogelijk. In den zomer eischte hij een verklaring van het ministerie, of het zoo langer mocht gaan. Het ministerie stemde, onder Manteuffel's voorgaan, in zijn verlangen toe. De koningin bood nog eenigen tijd heftigen tegenstand. Eindelijk schikte zij zich en wist nu den koning tot berusting over te halen, te meer, daar een winterverblijf in Italië was voorgeschreven. Den 9'len October 1858 werd aan Willem, prins van Pruisen, het regentschap opgedragen. Zijn eerste daad was het ontslag van den reactionnairen minister Westphalen. Weinige weken later trad een geheel nieuw, gematigd liberaal ministerie, ouder voor-

Sluiten