Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

beweerde, een hoon was, het volk aangedaan, daar het de menschen op paarden deed gelijken, werden daarbij op het felst bestreden. Hong vond eerst enkele, later tallooze aanhangers, vooral toen hij naar de provincie Kwang-si verhuisde, onmiddellijk na den opiumoorlog, welks afloop ieder, die niet verblind was door nationalen hoogmoed en eigenwaan , overtuigen moest vau de zwakheid, zoo niet van China, dan toch van de regeering, en die de vijanden dier regeering daarom moed gaf tot krachtiger optreden. De beweging schijnt toen in Kwang-si zeer toegenomen te zijn, zoodat, toen in 1850 de keizer Tao Kwang gestorven en ziju zoon, de onbekwame en zwakke maar wreede Hieng Foeng in zijn plaats gekomen was, zij een tegen de regeering vijandig karakter aannam. De geheele provincie geraakte in opstand; weldra had Hong een geweldig leger onder zijn bevelen, dat door vier zijner voornaamste aanhangers, die den titel van koning van een der windstreken voerden, werd aangevoerd, terwijl hij zelf de opperleiding had en zich den titel van Tien-wang, Hemelschen Koning, toekende. Hij noemde zich den opvolger en afstammeling der Ming's en nam, na de verovering van Nangking, den eigenlijken keizerstitel, dien van Zoon des Hemels aan. Zijn dynastie (want zijn kinderen en verwanten genoten gelijksoortige eer als die der echte keizers, zoodat er terstond een dynastie bestond) zou die der Taiping heeten, waarnaar de geheele beweging den naam kreeg.

Eerst in 1852 trok deze revolutionnaire beweging, want het was meer dan een opstand, de aandacht van Europa. Zij had zich toen reeds uitgebreid tot aan de groote Gele rivier, die China doorsnijdt, den Yangtse-ksang. Alle groote steden in de door hen onderworpen gewesten waren door hen veroverd. De handel in de verdragshavens begon door den verminderden afzet naar het binnenland den invloed er van te ondervinden. In het voorjaar vau 1853 viel de groote stad van Midden-China, Nangking (wie kent niet den porseleiuen toren?), in hun handen en werd voortaan de zetel van Hong, die van daar uit jaren lang onbeperkt over het midden van het rijk gebied voerde, waar de bevolking vrijwillig of gedwongen zich aan de revolutie aansloot.

Misschien stonden echter enkele bewegingen, welke in deze streken tegelijkertijd uitbarstten, op zich zelf, en dekten zij zich slechts met den naam der Taiping. Met name schijnt dat het geval te zijn geweest met die, welke meer aan de kust verbreiding vond en waar de Europeanen het eerst, en wel te Shanghai, persoonlijk kennis mede

Sluiten