Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VIJFDE HOOFDSTUK.

De allervroegste tijd der Egyptische geschiedenis De overlevering van Manetho. De sage van de koningin Nitokris en van de lichtekooi Rhodopis. De eerste koningen en hunne daden. Het meer Moeris. Het Labyrinth. De Hyksos; hun roofzuchtige inval in Egypte; hunne verdrijving. De bloeitijd van Thebe. Sagen omtrentSesostr.s. Ramses de Groote. Mernephtha en de sage omtrent Mozes. Rhampsinitus. De Ethiopiera. Koning Sanherib en de sage omtrent de muizen. Psammetichus en de sage aangaande de koperen offerschaal. Koning Necho; zijne veroveringstochten en zijne bouwwerken. De eerste omzeiling van Afrika. Koning Hophra (Apriës). De opstand van Amasis. De ring van Polycrates.

Reeds de vroegste berichten, die aangaande de geschiedenis van Egypte tot ons gekomen zijn. geven ons tiaar een volkomen geredden staat te aanschouwen. Wanneer echter werd die gegrondvest? — Dit is eene vraag, waarover de geleerde navorschers van de oudheid reeds vele boekdeelen vol geschreven hebben. Met welk een ijver zij ook de oudste bronnen en de opschriften der monumenten onderzochten, nergens vonden zij een punt van uitgang, dat hun een zekeren grondslag voor hunne berekeningen aanbood. Zij moesten zich tot op dezen dag tot gissingen bepalen, die, op welke vernuttige combinaties zij ook mochten rusten, toch altijd bedriegehjk zijn.

De oudste geschiedkundige werken schrijven aan den Egyptischen staat een onberekenbaar hoogen ouderdom toe. Volgens deze heerschten in Egypte eerst gedurende vele «luizende jaren de goden als koningen, tot eindelijk koning Menes als de eerste koning uit de menschen vermeld wordt; in dit bericht stemmen Herodotus, Diodorus en Manetho met elkander overeen.

Manetho van Sebennytus, een tempelschrijver uit Thebe, die omstreeks het midden der 3« eeuw v. C. leefde, schreef m het Gneksch een werk over de geschiedenis van Egypte. Het is helaas! reeds vroeg verloren gegaan, en daarmee ook eene opgave van de koninklijke geslachten en van de koningen

zeiven, die over Egvpte geregeerd hebben.

Volgens Manetho zouden de goden 248S7 Egyp ische jaren (welke me 24820 van onze jaren overeen komen) over Egypte hebben geheerscht. Eeis daarna begon met koning Menes de heerschappij der menschen, die o36b

jaren zou geduurd hebben. , „ . „

Kon men zich op Manetho's opgaven verlaten, dan zou de heerschappij van Menes ongeveer in het jaar 5702 v. C. gegrondvest zijn. Maar de aanteekeningen van den Thebeschen tempelschrijver verdienen, helaas! met meer vertrouwen dan die der Grieksche geschiedschrijvers. Hij moest even goed als zij op bedriegelijke overleveringen bouwen; lnj was evenmin als zij 111 staat om. door een tijdsverloop van honderden eeuwen heen, den blik achterwaarts in de alleroudste geschiedenis zijn volks te slaan. Hij somt de regeerende koningsgeslachten op als elkander opvolgende terwijl z.j ongetwijfeld althans voor een deel, gelijktijdig met elkaar geregeerd hebben; want Egjpte maakte niet altijd één grooten, door éénen vorst bestuurden staat uit. Ii het begin der geschiedenis was het Nijldal m verschillende rijken verdeeld;

Sluiten