Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Of de IMioenicische steden oudtijds door den een of anderen staatkundigen hand, on de wijze van een stedenverbond. vereenigd waren, we en we niet. Waarschijnlijk oefenden de aanzienlijkste steden — eerst Sidon. latei 1;< Us door hare grootere macht een overwegenden invloed uit. die intussihen nut

met eene eigenlijke heerschappij gelijk stond. .... • 1 i

Ook van de ontwikkeling der staatkundige instellingen in den bwzem der afzonderlijke steden is ons weinig bekend. Alleen dit weten we, dat er koningen gebied voerden, wier leefwijze ons als rijk en schitterend beschreven wordt, maar die niet zoo despotisch mochten regeeren als dit in de o\erige oude rijken het geval was. De koene en onafhankelijke zeelieden, die het eigenlijke volk uitmaakten, de rijke handelsvormen, waaruit de aanzienlijke geslachten bestonden, bogen niet slaafs voor de willekeur van een man.

n Den koning stonden raadgevende lichamen ter zijde, die de koninklijke macht beperkten. Waarschijnlijk zullen de koningen nu en dar. wel eens beproefd hebben zich van deze lastige beperking te ontslaan, in welken tijd

is dit niet door sommige koningen beproefd? , . .

Ten gevolge hiervan hooien wij van paleisrevoluties, \an \olksopstanden of van moorden op de vorsten gepleegd, in de weinige fragmenten der binnenlandsche geschiedenis van Phoenicië, die voor ons zijn bewaard gebleven.

Naast den koning treffen wij een priesterstand aan, die eene gewichtige heteekenis en een ver reikenden invloed bezat. Waarschijnlijk was hij ook vertegenwoordigd in de raadsvergaderingen, die den koning ter zijde stondi'n; misschien zelfs strekte zijne macht zich nog verder uit. ln .Tyr,1'® V™inf, zich zelfs een priester der godin Astarte op den troon, nadat luj den koning

vermoord ^ ^ staatkundige invloed der priesters reikte, is ons onbekend; maar dat die invloed machtig moet geweest zijn, kunnen wij zonder moeite berekenen, wanneer wij den bloedigen eeredienst der Phoeniciërs van naderbij beschouwen.

De godsdienst der gezamenlijke Syrische stammen en dus ook die der Phoeniciërs, rust op dezelfde grondslagen als die van de Babyloniers en Assvriërs. maar hij had zich hij hen lol een deels zeer wellus igen deels zeer wreeden eeredienst ontwikkeld. Als den hoogsten Baal lieer) vereerde men. de zon, den Heer des Hemels die in het licht zijne werkzaamheid openhaardei en de vruchten aan den aardbodem deed ontspruiten. Hij is de god des levens. Aan zijne zijde stond eene vrouwelijke godheid, Baaltis, welke de Hebreen

Aschera noemden. „ „ . ....

Haar vereerde het volk. even als de Babyloniers Mylitta, op grof zinlijke wijze- haai waren de schoonste en vruchtbaarste boomen, de altijd groenende cvpres en de granaatappel, gewijd. De stroomen en meren waren haai geheiligd en uit de dierenwereld de visschen en duiven, de vruchtbaarste schepselen.

Aschera was de godin der voortbrengende natuurkracht, der geboorte en der vruchtbaarheid. Hetzelfde verschijnsel, dal wij reeds bij den Myhttadienst opmerkten, doet zich ook hier aan ons voor. In de meest zedelooze uitspattingen meenden hare aanbidders haar hel meest te verheerlijken; zeil» bij de aanzienlijksten en meest beschaafden werd alle gevoel van kuischheid en schaamte hierdoor al te dikwijls uitgedoofd. ....

Tegenover den god en de godin des levens en der geboorte, het godenpaar dat den menschen zegen aanbracht, stonden duistere, het leven verwoestende, alle vruchtbaarheid werende machten, de god Moloch en de godin Astarte.

Moloch was de god van het alles vernielende vuur en van de zengende zon, die met hare gloeiende stralen de gewassen des velds verschroeide. Daarbij was hij de god des oorlogs, wien het wilde zwijn en de stier geheiligd waren; hij wordt onder de gedaante van een mensch met een stierenkop ol van een stier zelf afgebeeld. Ten einde de woede van den gnmmigen god te doen bedaren, moesten jaarlijks zware offers gebracht worden; 0111 het \erdeil van aller hoofden af te wenden werden enkelen gedood.

Sluiten