Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

schappelijke afstamming verraden. Tot hen behooren de lljjjjreeën, Chaldeeën. Svriü^. \i"iliii''i'ii Bahyloniërs. Assvjjërs. Phoeiiiriös, enz.

De overleveringen der Hebreeën stellen ons de nakomelingen van .cm. de aartsvaders, voor als nomaden, die van het ééne land naar het anuere trekken, om goede weiden voor hun vee te zoeken. In hunne lotge\allen en zwerftochten wordt ons de geschiedenis van het Hebreeuwsche nomadenvolk verhaald, terwijl ons in hunne personen de toonbeelden van vroomheid en zedelijkheid voor oogen geplaatst worden. Hun hoogste roem bestaat hierin. dat zij Gods geboden zonder tegenstreven vervullen, dat zij den Heer dienen.

zijne wetten opvolgen.

De oppergod der Hebreeën is een machtig god, 111 wien de eigenschappen van den Baal en den Moloch der stamverwante volken vereenigd zijn. Op d' hoogte der ltergen en in de schaduw der bosschen wordt hij in het aartsvaderlijk tijdvak het liefst aangeroepen, en deze overoude gewoonte oetent nog vele eeuwen daarna een machtigen invloed op de godsvereenng der Israeiieten uit. Hij openbaart zich in den donder, den bliksem, de aardbeving, in tiet brandende bosch en de vurige wolken. Zijn aanblik doodt hen, die hem onmiddellijk naderen. Hem moeten alle etgsslcliagfii jihi de veldvruchten ejuliel V.... wollcni warden. Alleen het eerstgeborene uit den mensch wordt door een plaatsvervangend otfer van hem losgekocht. Ook de besnijdenis scnijnl zulk een plaatsvervangend offer voor den knaap zeiven geweest te zijn. lier en daar ontmoeten wij in de Israëlitische geschiedenis de sporen van menscnenofters, door de Hebreeën aan hunnen god gebracht, hoewel hij zich overigens met het otfer van dieren in plaats van den mensch vergenoegt.

Vertoont de vereering van de godheid door middel van offeranden, gelijk die bij de Hebreeën in zwang was, eene zekere gelijkheid met den bloedigen cultus der overige Seinietische volken, in andere opzichten staat zij toen zeer ver daarboven. In de eerste plaats is hun godsbegrip veel minder zinlijk, terwijl zich bovendien, na Mozes' optreden en werkzaamheid uit den oorspronkelijken godsdienst langzamerhand de aanbidding van één, heiligen Uod, Jahiveh, (Jehova) heeft ontwikkeld. Zijne vereerders zijn er. na eeuwen van strijd tegen de zinlijkheid der natie, eindelijk in geslaagd, elk spoor der aanbidding van de overige Semiotische godheden met hare tooneelen van wreedheid en zedeloosheid uil den boezem des volks te verbannen. Jannen, de nationale God van Israël sinds de verlossing des volks uit de Egyptische slavernij en als zoodanig na de Babylonische ballingschap door het gansche volk zonder onderscheid gehuldigd, is de eenige God, die geene andere goden naast zich duldt, die elke aanbidding van vreemde afgoden bij zijn volk met

onverbidlijke strengheid straft. .

Aan dit geloof in één God heeft de godsdienst der Israëlieten hare nooge belangrijkheid voor de wereldgeschiedenis te danken. Zij maakt den grondslag uit van alle latere ontwikkeling op dit gebied; uil haar is in het eind hel

christendom voortgekomen.

De geschiedenis van de stamvaders der Hebreeën, de aartsvaders Antatiain. Isaak en Jacob, gelijk de oude oorkonden die verhalen, bezit voor ons eene gewichtige beteekenis. omdat in deze drie aartsvaders de zedelijk-godsdienstige idealen der Israëlieten als 'I ware verpersoonlijkt zijn. Het beeld dezer hinden van den ouden dag ons helder voor den geest te roepen, zooals het door de overlevering werd geschetst, is dus hetzelfde als één diepen en scherpen blik in het karakter van dat volk te slaan, hetwelk hunne namen tol op dezen dag met eerbiedige liefde uitspreekt. Abraham, Isaak en Jacob vertoonen ons al "die deugden en gebreken, welke nog heden den Joodschen volksstam eigen zijn; zij geven ons als in lichamelijke gedaante die zedelijk-godsdienstige begrippen en beginselen te aanschouwen, waaraan dit volk met de \eiIjzingwekkende vasthoudendheid, hem eigen, duizenden jaren trouw gebleven >s. Een onwrikbaar vertrouwen op God, eene nauwgezette inachtneming van de

Sluiten