Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zonen van Israël aan, drukte hen door zware heerendiensten en liet hen de steden Pithom en Ramses bouwen. Maar hoe meer hij het volk onderdrukte.

des te sterker breidde het zich uit. .... ,

Toen de Pharao dit bemerkte, beval hij den Israehetischen vroedvrouwen alle pasgeboren knapen der Hebreen te dooden. Maar de vroedvrouwen vreesden God meer dan den koning en gehoorzaamden niet aan zulk een afgrijselijk gebod. Nu vaardigde de vorst een bevel uit. dal alle pasgeboien zonen dei Hebreën in het water geworpen moesten worden.

In dien tijd — eeuwen waren er sinds Jozefs dood verloopen - werd eene vrouw uit den stam van Levi moeder vaji_een zoon. Het knaapje was zóó schoon en aanvallig, dat de moeder niet beshnteïTtÓn. het aan zoo vreeselijk een dood ter prooi te geven. Drie maanden lang verborg zij het en toen zij eindelijk niet langer wist, waar ze met liet kind heen zou, legde zij het in een kistje van papyrusriet gevlochten . dat zij zorgvuldig met teer en pek bestreek.

Zij droeg bet 'kistje naar den Nijl en zette het daar m het net aan den oever neder. Hare dochter Mirjam bleef zich in de nabijheid ophouden om te zien, wat er van het kind worden zou. Toevallig naderde de dochter van den Pharao met hare jonkvrouwen deze plek. om zich door een bad te verfrisschen. Zij zag het kistje en zond. door nieuwsgierigheid geprikkeld, een harer maagden er heen om het te halen.

Het schreiende knaapje strekte haar de armpjes tegemoet.

Het kind was zóó schoon dat het in de borst der koningsdochter een innig medelijden opwekte, olschoon zij zeer goed begreep dat liet een der Hebreeuwsche knaapjes moest zijn. Schroomvallig was Mirjam naderbij getreden; op slimme wijze bood zij aan, onder de Hebreeuwsche vrouwen eene voedster op te sporen, die het kind zeker gaarne zoogen wou. Op liet toestemmend antwoord der vorstin liep /ij snel naar huis en haalde hare moeder, die nu de eerste verpleging van het haar weergeschonken kind op zich nam.

De knaap wies krachtig op; de dochter van den Pharao nam hem als haar zoon aan, en gaf hem den naam >nn Mozes.

Zóó werd Mozes aan het Egyptische hot opgevoed, nadat hij door zijne eigene Hebreeuwsche moeder gezoogd was. Al nam bij de Egjptische beschaving ook in zich op. al werd bij ook iu de geheimen van der vreemden wetenschap ingewijd, toch bleef hij zijn volk getrouw. Hiervan leverde luj een doorslaand bewijs. Toen hij op zekeren dag in het veld was en zag. hoe een Iv'vptisch opziener bij de heerendiensten een Hebreër zwaar mishandelde, ontstak'hij in toorn, trok partij voor zijn volksgenoot, versloeg den opziener

en begroef zijn lijk in het zand. ,

Mozes had gemeend, dat hij deze daad onbespied verricht had; maar ziet. loen hij' den volgenden dag twee Hebreërs met elkander in twist gewikkeld za.r en |ien daarover berispte, voerde één van hen hein toornig te gemoet:

r »Wie heeft u tot- een heer en scheidsrechter over ons aangesteld; wilt gij ook mij dooden, gelijk gij den Egyptenaar gedood hebt?"

Hieraan bemerkte Mozes, dat zijne daad ruchtbaar was geworden en dewijl hij den toorn van den Pharao vreesde, vluchtte hij naar hel,lainlJfidum. Daar woonde hij gedurende vele jaren, en nam zich eene vrouw, Zippora, die hem twee zonen schonk. In Midian weidde Mozes de schapen van Jdlico. zijn schoonvader, die daar de priesterlijke waardigheid bekleedde.

Op zekeren dag had hij de schapen dieper dan gewoonlijk de woestijn ingedreven, tot aan den voet van den berg Horeb. Daar zag hij van verre een braambosch, waaruit vuurvlammmen omhoog stegen, terwijl toch het bosch door het vuur niet verteerd werd. Vol verbazing trad hij dichter bij, om dit buitengewoon verschijnsel waar te nemen en diep eerbiedig boog liij zich ter aarde, toen uit het bosschage Gods stem weerklonk. De Heer sprak tot Mozes: »Ik heb de ellende van mijn volk in Egypte aangezien, ik heb hun geschrei gehoord en ik ben neder gekomen, om hen te redden uit de hand der Egypte-

Sluiten