Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Onophoudelijke regenvloeden stroomden neder en herschiepen het -rootste deel van Griekenland m eene zee. zoxlat alle overige menschen oïnkwarnen . egen dagen duurde de ontzettende overstrooming. negen da "en en ne-en

'li011 » - ™"''- 4ÜK

s f

dat Deucalion eene bede. welke ook, mocht uiten, die zeker vervuld zou worden. Hierop vroeg deze, dat Zeus weer menschen op aarde zou doen ontstaan, opdat hij gezelschap mocht hebben

Jj-fs SiSïtr'ï af SSL'WftsS' Sfrjy;

""die- mlke Bm"'ion•«" Ji«-

De zoon van Deucalion en Pyrriia was Hellen; l>ij eene nimf krees deze dnezonen. Donis Atólus en Xuthus; uit Xuthus en Treüsa wenlen AcheQs

v !il 'i ,°C 0" 'i' , e" we,d alzo° fle stamvader van het gelieele Grieksche vofk dat naai- hem den naam Hellenen ontving. Van Dorus en Aeölus stamden 6 en Aeohers; van de zonen van Xuthus de Achaeërs en Ioniërs al

lil de omstandigheid, dat Hellen de stamvader van het geheele volk genoenid word en dat dit naar hem den naam Hellenen droeg. mo<*en wijhet besluit trekken, dat deze namen misschien eersl in de achtste eeuw v C ontetaan zijn want vóór dien tijd wordt de naam Hellenen niet voor het'geheele Gneksche volk, maar slechts voor de bewoners van een enkel deel °ebiuikt; de pmtrek namelijk van het Heiligdom van Dodona in Enirus lieefte H^JIas en de bewoners van die streek wenïen Hellenen Kenoeiiid. '

r • r el ï , ,lel(ientgdvak, dat aan de schoonste en dichterlijkste sa^en der (ii leken het aanzijn heeft geschonken, zijn wij juist door deze sagen"nauwkeuriger bekend; en wij hebben gelegenheid om daarin op te merken welke vorderingen het Grieksche volk in den loop der eeuwen op den we- der be schavins gemaakt heeft. In den vroegs ten tijd. welke onmiddellijk op hel eerste Pelasgischetijdperk volgt, treilen wij in Griekenland nog een half wild volk aan; afgrijselijke monsters huizen in de gebergten, geduchte roovers met bovenmenschehjke kracht toegerust, plagen de bewoners van het land, en in het bestnjden van deze kwelgeesten des lands bestaat juist de taak der Heroën w'er. lotgevallen en daden ons door de sage worden meegedeeld Reuzen afschuwelijke slangen, draken enz. werden door de helden béstreden en gedood; deze strijd met de woeste natuurkrachten en met de roovers maakt den hoofdinhoud der sagen uit. WllM

Maar met verloop van tijd nemen de sagen ook allengs een ander karakter aan De reuzen en monsters verdwijnen meer en meer. de strijd, door de helden gevoerd, wordt een strijd van menschen tegen menschen De sa<*e verhaalt ons van stoute daden, van heldenmoed en lichaamskracht in den oorlog ten toon gespreid, van edelmoedigheid en trouw, van wijsheid in de raadsvergadering, van vaardigheid in het spreken. Niet alleen de dapperheid der telden, ook hunne overige uitstekende eigenschappen worden door haar bezongen De schetsen uit den Trojaanschen oorlog, ons in de onsterfelijke zanden van Homerus bewaard, bieden ons een uiterst getrouw beeld van dezen lateren

tijdperk oT^n^'!. f"? T: ,A' Z'J" ,leze zanpeu ook ^rst ineen later

zekere .revnWmUlH olt?old' • 'S ! ?"s 8eoorloofd' tlaa,u'' ontwijfelbaar

volk In ?lln gh n re? a'?nZ,len valV ' leefw'Jze en zeden van het Grieksche

staten verd^H l liJ ?,• , J "'f'1™ hiel' ee" talriJk. in vele kleine . volk aan, dat in taal en zeden overal de grootste gelijkvormis-

n loont, dat, in hoevele volkstammen hel ook gesplitst is, zich toch als

™u, p f aa" ons voor(loet. In eiken staal stond aan het hoofd des

volk» een koning, maar Inj regeerde niet als onbeperkt alleenheerscher. niet

16*

Sluiten