Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Odysseus op het eiland van Calypso. Goede raad van Athene. 323

van den inhoud der Odyssee komt derhalve eene plaats in een werk als het onze toe *).

Negentien jaren waren er verloopen, sinds Odysseus zijn rijk op Ithaca en zijne schoone vrouw Penelope, met haar zuigeling, den kleinen Telemachus aan de borst, verlaten had. Reeds waren de overige helden der Achaeërs voor het grootste deel in hun vaderland teruggekomen, alleen Odysseus bleef uit. Treurig zat hij op een afgelegen eiland en staarde over de zee in de richting van Ithaca, verteerd door een brandend verlangen naar de zijnen.

De schoone nimf Calypso, de dochter van Atlas, die hem tot echtgenoot begeerde, hield hem terug. De goden hadden deernis met den held? dien allen lief hadden, doch op wien Poseidon toornig was, dewijl deze door hem beleedigd was geworden. Zij waren op den Olympus verzameld om samen raad te houden; alleen Poseidon werd in den raad der goden gemist, hij ontving in Ethiopië een oller. Van deze gelegenheid maakte Athene gebruik; zij bestormde Zeus met hare beden, dat bij eindelijk den terugkeer van 'den zwaarbeproefden man toeslaan zou. Zeus gaf aan hare smeekingen gehoor. Hermes werd naar het eiland van Calypso gezonden, om de schoongetakte nimf te bevelen, dat zij Odysseus niet langer zou terughouden. Doch ?\thene zelf nam de gedaante van Mentes, den koning der Taphiërs, aan en daalde van den Olympus naar Ithaca af om Telemachus, den zoon van Odysseus die nu tot een schoonen negentienjarigen jongeling was opgegroeid, met baairaad ter zijde te staan. Voor bet huis van Odysseus werd zij door een zeer zonderling schouwspel verrast. Daar waren de vorsten en edelen van Ithaca in grooten getale bijeen, allen als vrijers van Penelope, die zij reeds als weduwe beschouwden. Zij vermaakten zich met het gooien met de werpschijf; een deel hunner was op runderhuiden uitgestrekt; herauten en dienaren, die op hun minsten wenk letten, liepen tusschen hen rond. Sommige dienstknechten mengden wijn met water in groote vaten, anderen plaatsten voor de edelen kleine tafeltjes, reinigden deze met losse sponsen en legden daarop vleesch in overvloed neer. Nadat Athene, door Telemachus binnengeleid, met spijs en drank zich verkwikt had, gaf zij zich op de vraag van Odysseus zoon voor Mentes, koning van Taphos, uit; zij verhaalde, dat zij te scheep naai' Ithaca gekomen was, om haar ouden gastvriend Odysseus, dien zij teru""ekeerd waande, te bezoeken.

Intusschen waren de vrijers, vermoeid van hun spel, binnengekomen hadden naar hartelust gegeten en gedronken en verlustigden zich nu in het gezang van den zanger Phemius, die zijn lied met de luit begeleidde.

Athene deed onderzoek naar de aanleiding, die zulk een groot aantal vorsten van Itliaca in het huis van den afwezigen Odysseus samen bracht.

Treurig verhaalde Telemachus, dat alle aanzienlijken van Ithaca en de naburige eilanden naar de hand zijner moeder dongen, en dat Penelope zich hierdoor in groote verlegenheid bevond, omdat zij dit huwelijk, waarvan zij een afschuw had, noch afslaan noch voltrekken kon, terwijl de vrijers intusschen in het huis van Odysseus als zoovele meesters gebied voerden en zijne goederen verbrasten.

Dit antwoord vervulde Athene met toorn en droefheid. Zij spoorde den jongeling aan, om maatregelen te beramen ten einde de vrijers uit bet paleis te verdrijven. Hiertoe moest hij den volgenden dag eene volksvergadering samenroepen, den vrijers gebieden, zijn huis te verlaten en zijne moeder aan-

*) Tuil einde niet aan dit gedeelte der Grieksche geschiedenis een al te groote plaats in te ruimen, heeft men zich van het meedeelen van dichtproeven uit de Odyssee onthouden. Wie ook met dit gedicht wenscht kennis te maken, sla de vertaling van Mr. J. van 's Gravenweert op, te Amsterdam bij K. H. Schadd voor ƒ 1.90 te verkrijgen. Zij staat echter bij de vertaling der Ilias van Mr. C. Vosmaer in het wedergeven van den toon en den "eest der oorspronkelijke Homerische verzen zeer verre ten achter.

21*

Sluiten