Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De areopagus. Staatkundige wispelturigheid bestreden. 413

zullen zenden. Het betalen van zulk eene boete was bij de toenmalige waarde van het geld eene volstrekte onmogelijkheid; een archont, die de wet geschonden had en de boete niet kon betalen, onderging dezelide straf als elk ander onvermogend schuldenaar van den staat: hij verloor zijn burgerrecht. \an nog meer belang was het onderzoek, dat de beambten na afloop van hun dienstjaar moesten ondergaan. lederen burger was het geoorloofd, binnen eene maand eene aanklacht legen den aftredenden staatsdienaar bij de heliasten in te dienen. Niemand, die een staatsambt bekleed had. mocht zich uit het land verwijderen of over zijn vermogen beschikken, voordat hij rekenschap had afgelegd.

Alle staatslichamen ontvingen jaarlijks nieuwe leden. Dit oefende op het bestuur van den staat een zeer voorïleeligen invloed uit. daar die collegies hierdoor jaarlijks een toevoer van frissche krachten ontvingen. Maar aan den anderen kant kon het niet ontveinsd worden, dat deze instelling zeker gebrek aan vastheid in het staatsbestuur te weeg bracht, hetwelk voor het voortdurend bestaan der staatsregeling gevaarlijk worden kon. Solon zette derhalve de kroon op zijn werk, door een lichaam in het leven te roepen, dal aan de spits der geheele regeering staan moest. Hij koos hiertoe de aanzienlijkste deioude bloedrechtbanken, den areopagus, waaraan hij eene nieuwe wijze van samenstelling en nieuwe rechten schonk.

Tot rechters in den areopagus mochten alleen die edelen der hoogste klasse benoemd worden, die het ambt van archont hadden bekleed en hij hel onderzoek onberispelijk bevonden waren. Van jaar tot jaar namen deze mannen in den areopagus zitting; zij bekleedden hunne plaats levenslang en vormden alzoo een onveranderlijk lichaam uit den hoogsten adel, dat een aanzienlijken omvang had en het volle vertrouwen des volks genoot, dewijl zijne leden zich als archont onberispelijk gedragen hadden.

De areopagieten waren alleen voor de goden en hun geweten verantwoordelijk. zij waren de hoogste bloedrechters, terwijl hun bovendien een bijna onbeperkt toezicht over het gansche regeeringsbeleid, ja over alle staatszaken opgedragen was. Ook hadden zij over den eeredienst van den staat te waken; eiken burger, die de heilige verplichtingen tegenover de goden veronachtzaamde, mochten zij wegens goddeloosheid voor hunne rechtbank dagen; het toezicht op de opvoeding der jeugd was hun toevertrouwd. Eindelijk hadden zij te oordeelen over handelingen, die niet bij de wet verboden, doch volgens de wetten der algemeene zedelijkheid strafbaar waren.

Een ieder was verplicht aan eene indaging voor den areopagus gevolg te geven, gelijk ook een ieder den rechter de gevraagde inlichtingen geven moest. De areopagieten moesten zorgen, dat de burgers een nijver, arbeidzaam leven leidden; zij daagden hen, die in ledigheid rondliepen zonder van hun vermogen te kunnen leven, voor zich en spoorden hen aan om door een eerlijk bedrijf in hun onderhoud te voorzien; zij zorgden ook dat de beambten hun plicht betrachtten.

Het hoogste recht van den areopagus bestond echter hierin, dat hij een veto uitspreken kon tegen alle besluiten van den raad en zelfs tegen die der volksvergadering, wanneer zij tegen de bestaande wetten indruischten, of ook wanneer zij in hel oog van den areopagus voor den staat gevaarlijk waren. Ook bij voorgenomen veranderingen in de staatsregeling had de areopagus de laatste, beslissende stem.

Solon wilde eene verandering van de staatsregeling wel niet onmogelijk, maar toch eiken invloed van lichtvaardige veranderingszucht onschadelijk maken. Hij bepaalde hierom, dat de raad. zoodra hij samenkwam, moest uitmaken of eenige verandering in de bestaande wetten noodzakelijk was. Kwam de raad tot deze overtuiging, dan moest hij in de eerste volksvergadering na zijn optreden de vraag aan de orde stellen, of hel volk eene wetsverandering goedkeurde of niet. Ontving hij hiertoe de toestemming des volks niet, dan had hij verder niets te doen. Keurde het volk het voorstel van den raad goed, dan verkoos de heliaea hare bedachtzaamste en kundigste leden tot wetgevers;

Sluiten