Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

426

Hippias door Clisthenes onttroond.

De tvrannie werd eindelijk het voorwerp van den doodelijken haat van het "eheele volk Alleen de slechtste burgers namen nog staatsambten aan. De voortvluchtige edelen mochten zich thans wel met de hoop vleien, dat het uur der wraak eindelijk voor hen gekomen was. Te Delpln hadden zij zich aan de machtige en rijke Alcmaeoniden aangesloten, aan wier hoofd in dien tijd Clisthenes stond, de zoon van Megacles, den verdreven aanvoerder der Paraliers.

De Alcmaeoniden hadden met slim overleg, door het aaubieden van groote geschenken, de gunst van de Delphische priesterschap weten te winnen. In het iaar 348 v C was er in den tempel van Apollo een brand uitgebarsten, die liet heiligdom der Grieken geheel vernield had. De vergadering der Amphictvonen stond eene aanzienlijke geldsom - meer dan ƒ1,200,000 van onze munt — tot den herbouw toe. De Alcmaeoniden namen de uitvoering van dit belangrijk werk op zich en deden veel meer dan waartoe de verplichting hun was op-'elegd. De overeenkomst bepaalde, dat zij den tempel uit gewonen kalksteen moesFen optrekken, maar in plaats hiervan helen zij de naar het Oosten "ekeerde zijde van kostbare marmerblokken van het eiland Paros bouwen; daarenboven droegen zij zorg. dat het gebouw op de prachtigste w.jze versierd werd. In twintig jaren, van 535 tot 5 la v. C.. hadden z.j het werk voltoooid Het was voor hen eene aangename tijding, te vernemen dat Hippias met onmensclielijke wreedheid in Athene huishield. ,

De Attische vluchtelingen schaarden zich om Clisthenes en deze achtte zich thans wel in staat om den tyran gewapenderhand van de heerschappij te ontzetten. In het jaar 313 trok lnj naar Attica. In een klein plaatsje in het Noorden van het land gelegen, Leipsydrion genaamd, nestelde hij zich met zijne bondgenooten, maar vastberaden trok Hippias aan het hoofd zijner lijfwacht tegen hem op. De overmacht was aan de zijde van den tyran, de vestingwerken van het stadje werden stormenderhand ingenomen, de opstande-

linden leden eene jzevoelige nederlsng. ,,

° ^ weerwil van dit alles verloor Clisthenes den moed niet. \oor alle dingen moest het verbond worden verbroken, dat de tyran met de Spartanen gesloten bad Hiertoe nu was de vriendschappelijke betrekking, waarin de Alcmaeoniden tot de Delphische priesters stonden, hem uitnemend van dienst. Zoo dikwijls de Spartanen de I'ythia ondervroegen, ontvingen zij telkens ten antwoord dat Apollo hun gebood, Athene van den tyran te verlossen. Zulk een bevel' der godheid moesten zij eindelijk wel gehoorzamen.

Zij zonden eene legeraldeeling te scheep naar Athene, maar ook nu droeg Hippias opnieuw de zegepraal weg. Door zijn bondgenoot, den koning van Thessalië waren hem Thessalische ruiters als hulptroepen toegezonden; met deze bende wierp hij zich op de Spartanen, nadat zij geland waren, en versloeg hen in het jaar 511. , .. .

Thans was de krijgsroem van Sparta in gevaar. Koning Cleomenes van Sparta een bekwaam legerhoofd, nam zelf het bevel over zijne krijgslieden op ziclr de Attische adel. met Clisthenes aan het hoofd, sloot zich aan hem aan. Over land trokken de Spartanen naar Attica. Zij joegen de Thessalische ruiters voor zich uit en maakten zich gereed om tegen Athene op te rukken. Nu kwam geheel Attica in opstand tegen den gehaten tyran. Geen andere uitweg bleef Hippias over. dan zich in de Acropolis terug te trekken en 111 den we bevestigen en rijkelijk van levensmiddelen voorzienen burg betere dagen af te wachten.

Met eene langdurige belegering wilden de Spartanen zich niet inlaten. Zij trokken terug en lieten de taak. om de belegering voort te zetten en den burg te bestormen, aan Clisthenes over. Ongetwijfeld zou het lang geduurd hebben, eer deze de zegepraal behaald had, wanneer niet het toeval hem gunstig was geweest. Hippias wilde zijne jongste zonen in veiligheid brengen; onder be"unsti"in" van de nachtelijke «luisternis moesten zy door de egerplaats^ der vijanden heen sluipen, om ver van Athene den uitslag van den strijd af te wachten. Deze onderneming mislukte. De zonen van Hippias werden ontdekt en

Sluiten