Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

598

parlij tegenover de Perzen en hierdoor vVerj hunne macht versterkt. Reeds gedurende de eerstvolgende maanden zag*,,,, zjj meer ,jan ééne onderneming met een gelukkigen uitslag bekroond. Het frelukte hun, den afval der eilanden Samos en Lesbos te verhinderen, zij ove^vieien Chios en verwoestten het eiland, tot straf voor zijne trouweloosheid. Onwjer den dapperen en bekwamen Phryniehus landden zij bij Milete en behaalden^ de overwinning, al slaagden zij ook niet in de herovering van de stad.

Weldra bleek liet, dat het bondgenootschap tussHien Tissaphernes en de Spartanen niet van langen duur zou zijn. Te Sparta iJiad de inhoud van het verdrag bij allen, die als Grieken nog eenig eergëvoert bezaten, de diepste verontwaardiging verwekt. Hierbij kwam, dat Tissaphernes zijne beloften niet eens Vervulde, dat bij uiterst karig was in bet betalen vatr^cle soldij en dat de Phoenicische vloot niet — gelijk bepaald was — tot ondersteuning van de Spartanen kwam opdagen.

Alcibiades was de man, door wiens bemiddeling liet verdraag tot stand was gekomen. Zijne vijanden waren dus de natuurlijke tegenstanders van liet verbond, en vijanden had Alcibiades zich ook te Sparta in grochten getale gemaakt. Hiertoe behoorden zij, die zijn in korten tijd verkregen in\ loed benijdden en dezulken, die bij persoonlijk door zijn overmoedig gedrag In eleedigd had. Onder de laatsten telde bij koning Agis. i

De schoone Athener had in zijne lichtzinnige ijdelheid een minnetïriiandel met de vrouw van Agis, koningin Timaia, aangeknoopt en zich luide berd bernd op de ontvangen gunstbewijzen. Zijne kinderen — zoo had bij, naar tlanen verzekerde, zich eens in een vriendenkring lachend uitgelaten — zouden et ms op den troon der Heracliden zitten. Agis en Licbas, een aanzienlijk en hoojtct;liartig Spartaan, waren de doodvijanden van den ovennoedigen mangewordenok. Licbas wist door te drijven, dat bij met eene commissie van onderzoek naafrKlein-Azië gezonden werd. om het schandelijk verdrag te vernietigen, om den Perzischen satraap rondweg te verklaren, dat Sparta geen oorlog voerde met I bet doel om de Hellenen opnieuw onder de macht der Perzen te brengen. Fier en moedig trad Licbas voor het aangezicht van den Perzischen stadhouder. Hij beleedigde dezen door zijne woorden zoozeer, dat Tissaphernes de onderhandelingen afbrak; bet verbond tusschen Sparta en de Perzen was vernietigd.

Ook een anderen bondgenoot van niet minder gewicht hadden de Spartanen reeds vroeger verloren, den man, namelijk, die de ziel van den geheelen oorlog was, Alcibiades. Agis en de overige vijanden van den Athener hadden diens aanhangers overstemd, zij hadden hem in zijn dubbelzinnig en trouweloos karakter aan de kaak gesteld en het doorgedreven, dat de regeering van Sparta beval den gevaarlijken man te verwijderen. De vlootvoogd Astvochus ontving in last Alcibiades heimelijk uit den weg te ruimen; alleen de dood van den gevreesden man kon Sparta tegen de gevolgen zijner vijandschap beveiligen.

Tot geluk voor Alcibiades bad de schoone koningin Timaia iets van het moordbevel vernomen. Zij liet haren geliefde waarschuwen en nog te rechter tijd redde deze zich door de vlucht. In October van het jaar 412 begaf hij zich naar Tissaphernes, door wien bij met blijdschap ontvangen werd.

Gelijk Alcibiades te Athene een Athener en te Sparta een Spartaan geweest was, zoo werd bij aan liet bof van den Perzischen landvoogd een echte Pers. Met eene ongeloofelijke buigzaamheid van karakter maakte bij zich de zeden en gewoonten van den satraap eigen en binnen zeer korten tijd had de voortvluchtige en ter dood veroordeelde avonturier zich bij Tissaphernes op een standpunt geplaatst, waarop hij een schier onbegrensden invloed uitoefende. Hij werd diens vertrouweling en eerste minister, zijn raadsman bij elke belangrijke regeeringsdaad. Door zijn invloed bad bij de karige uitbetaling van de soldij en bet wegblijven der Phoenicische vloot bewerkt en het SpartaanschPerzisch bondgenootschap weer ontbonden. Thans wilde Alcibiades zich op

Sluiten