Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Theramenes aangeklaagd. gjj

bevelwoord — en de elf mannen maakten zich van de ongelukkigen meestelen Satyrus dwong hen om den giftbeker te drinken. Hun vermogen werd verbeurd verklaard en deels aangewend om de in dienst der tyrannen staande moordenaarsbende te bezoldigen, deels om zich zelf te verrijken.

Tevergeefs verzette Theramenes zich daartegen; hij haalde'zich daardoor alleen den haat van Critias en de overige tyrannen op den hals. Eindelijk bereikte de wreedheid der laatsten zulk eene hoogte, dat zells de raad meer en meer tot Theramenes begon over te hellen. Zijne partij werd bij den da" talrijker. Critias moest vreezen, dat ook het volk de partij van zijn te«en" Stander zou trekken, en dienvolgens besloot hij een strijd op leven en dood met zijn voormaligen medestander aan te gaan.

Toen eens Theramenes weer in den raad tegenwoordig was, liet Critias zijne met dolken gewapende aanhangers post vatten in het raadhuis, dicht bij het beschot waar binnen de raadsleden zaten. Vervolgens trad hij voor den raad en klaagde Theramenes als vijand van den staat aan. Critias verweet hem. dat hij nooit te vertrouwen was geweest, dat hij, ofschoon lid van den laad der vierhonderd de aanklager van zijne medeleden was geworden, en dat li ij dezelfde rol ook tegenover zijne medebevelhebbers na den sla" bij de Argmusische eilanden had gespeeld. Hij vorderde de veroordeeling van een man, die de gevaarlijkste vijand der oligarchie was.

Theramenes verdedigde zich; met eene gloeiende welsprekendheid hing nj een tafereel op van de bloedige daden van Critias en zijne gezellen. »Ik ben nep hij uit, «even goed een vijand van de oligarchische tvrannie, als ik steeds een vijand van de op de spits gedreven democratie geweest ben." Aijne woorden maakten op de raadsleden een diepen indruk. Zij lokten zulke sterke bijvalsbetuigingen uit, dat Critias begreep, slechts langs den we" van het ruwste geweld zijn doel te kunnen bereiken.

Hij deed zijne moordenaarsbende een weinig nader treden; en riep, on hen wijzend, den raadsleden toe: »Deze mannen eischen de'veroordeeün" van een misdadiger, die tol vernietiging van de oligarchie werkzaam is. Onze wet bepaalt, da zonder uwe toestemming geen der 3000 veroordeeld ma" worden, maar dat ieder, wiens naam niet op die lijst staat, door de derti" mannen gevonnisd worden kan. Hiermede schrap ik den naam van Theramenes op de lijst door, en wij. de dertig mannen, veroordeelen hem, on grond van onze macht, ter dood." Met een angstig stilzwijgen hoorden de laad»leden deze vreesehjke woorden aan; zij wierpen een blik op de gewapende moordenaars, die Critias omringden, en waren beducht voor hun ei"en leven: geen hunner waagde het, den aangeklaagde in zijne bescherming te nemen.

Theramenes snelde naar het altaar, dat in het binnenste van het raadhuis was opgericht omvatte het als een. die om bescherming smeekt, en \ 01 dei de, dat de raadsleden hem gerechtigheid zouden doen wedervaren.

«Wanneer gij het duldt, dat Critias mij. of ieder ander, dien hij goedvindt. \an de lijst der drie duizend verwijdert, dan verkeert gij allen, zonder uitzondering, in hetzelfde gevaar!" zoo riep hij waarschuwend den raadsleden mVnn <,'fsdl.,nlels rechl> overeenkomstig de wet, door de dertig

beschermen U1,8evaardl8d • en uwe persoonlijke veiligheid gebiedt u. mij te

Hij predikte voor doove ooren; geen der raadsleden waagde het, zich mannin , lre,kken • °P Cntias' bevel rieP ,l(' heraut de vreeselijke elf altaar we" y™S m met zljae 8ezeUen en 'ukte Theramenes van het

«Wij geven u dezen man over, die volgens de wet veroordeeld is verzekeit u van hem, brengt hem naar den kerker, en doet daar wat noodig is. Zoo gebood Lntias. Theramenes werd uit het raadhuis over de mark? naar de gevangenis gesleept. Met luider stem protesteerde hij tegen het onrecht, dal hem werd aangedaan.

Sluiten