Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Slag bij Chaeronaea. Athene in slaat van verdediging gesteld. 681

met Athene tegen Philippus te winnen en — hij zegevierde. Het verbond werd gesloten.

Beide stalen rustten zich met den meesten ijver lot den oorlog toe. Uil meer dan één gewest van Griekenland sloot een aantal dappere mannen zich vrijwillig bij het Atheensche en het Thebaansche leger aan. Chares en Lysicles ontvingen het opperbevel over de Atheensche krijgsmacht, die gedeeltelijk uit Atheensche burgers, gedeeltelijk uit huurtroepen bestond. Zij trokken mei hun leger naar Boeötië en zoo groot was hel vertrouwen, dat de Thebanen 111 hunne Atheensche bondgenooten stelden, dal zij hun zelfs vergunden Tlieb binnen te trekken.

In dezen oorlog mocht geen der huurlingen hel wagen, zijne roofzucht hot te vieren; de strengste tucht werd gehandhaafd, om de Thebanen niet te vertoornen.

Gedurende de lente en den zomer van het jaar 338 had meer dan één hevig gevecht tusschen de vijandelijke legers plaats. Deze strijd werd gedeeltelijk met gelukkigen uitslag door de bondgenooten gevoerd. Reeds vierden de Atheners den teugel aan hunne blijdschap over twee door hen behaalde overwinningen, reeds vierden zij overwinningsfeesten, waarbij zij den goden dankollers brachten; het was Ie vroeg. Philippus verschafte zich met geweld den toegang tot Boeötië, rukte met zijn leger, dat uit meer dan 30,000 man voetvolk en 2000 ruiters bestond, dit gewest binnen en bier kwam liet in de uitgestrekte Boeötische vlakten in Augustus 338 bij Chaeronaea lot een beslissenden slag.

r Demosthenes koesterde de schoonste hoop op overwinning. Het AtheenschThebaansche leger overtrof dat van Philippus verre in getalsterkte, maar het werd niet met dat talenl aangevoerd, hetwelk den koning der Macedoniërs onderscheidde. Philippus zeil greep de Atheensche krijgsmacht aan; zijn jeugdige zoon Alexandcr, die toen den leeftijd van 1!) jaren bereikt had, en die later den bijnaam van den Grooten verwierf, streed tegen de Thebanen. Wel vochten de Grieken met hun ouden heldenmoed; wel drongen de Atheners zelfs voor een korten lijd zegevierend voorwaarts, zoodat de Atheensche veldheeren reeds juichend uitriepen; «laat ons den vijand tot in Macedonië vervolgen!" — maar spoedig ging hunne blijdschap over in doodelijken schrik; de Thebanen werden in weerwil van hunne onversaagde dapperheid teruggeworpen. De beroemde heilige schaar week geen duimbreed van hare plaats de 300 dappere jongelingen werden tot den laatsten man neergestooten. Docli toen waren de overigen ook niet meer in staat den geduchten schok van de Macedonische phalanx te wederstaan; zij vluchtten en ook de Atheners moesten wijken. Zij hadden zware verliezen Ie betreuren: meer dan 1000 man waren gesneuveld, meer dan 2000 gevangen genomen.

De slag was verloren en daarmede de tegenstand, welken Thebe en Athene den Macedonischen veroveraar konden bieden, voor goed gefnuikt. Geenle«er beschermde Alhene meer. Wanneer Philippus Athene binnenrukte, konden de burgers zich alleen op hunne sterke muren en op hunne vloot verlaten.

Toen hel bericht, dat de slag verloren was, te Athene aankwam, heerschten daar onrust en schrik, want slechts drie tol vier dagmarschen was de vijand van de slad verwijderd. De geheele bevolking Zwierf vol angst door de straten; elke vluchteling, die de slad bereikte, werd opnieuw naar berichten gevraagd, elk hunner bracht eene slechter lijding mede.

In aller ijl werd eene volksvergadering belegd; hier heerschte eene kalmer stemming; de burgers besloten terstond, de bevolking van het platte land achter de muren der versterkte plaatsen in veiligheid te brengen en den Piraeüs in staat van verdediging te stellen. Alle burgers werden opgeroepen oin de wapens tol verdediging van het vad Hand te voeren.

De weerbare mannen onder de slavenbevolking werden in vrijheid gesteld; maatregelen werden genomen om de vestingwerken der stad zoo veel mogelijk'

Sluiten