Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

was het werk van zijn leven vernietigd, hij zelf voor altijd onteerd, als een bedrieger, die aller vertrouwen verbeurd had. Niet alleen hij zelf zou moeten aftreden, maar zelfs zijn koning, dieu hij tegenover Oostenrijk niet alleen, maar bovenal tegenover Italië voor altijd gecompromitteerd had. En dan was voor Sardinië en Italië niets te voorzien dan anarchie en reactie. Maar van weigeren kou geen sprake zijn; want dan was de ondergang zeker, daar dan Frankrijks bijstand verbeurd was. Hij nam dus de voorwaarde aan, maar verklaarde voor de gevolgen in Italië niet te kunnen instaan. In dezen toestand wachtte hij Oostenrijks beslissing af; zijn vrienden vreesden dat hij krankzinnig zou worden of zelfmoord plegen. Maar op nieuw bleek Oostenrijk

zijn beste bondgenoot.

Buol wees elk ander congres af, tenzij een van de groote mogendheden alleen. En wat nog veel meer beteekende, de Oosteurijksche regeering besloot nu zelf aan de zaak een einde te maken.

Oj) denzellden 19de" April, waarop Cavour zijn oudergang nabij zag, werd de brief van Buol aan hem afgezonden, waarbij hem een termijn van drie dagen werd gesteld om toe te stemmen in den eisch van ontwapening en ontbinding der vrijwilligerskorpsen, met mededeeling, dat een niet toestemmend antwoord de Oostenrijksche regeering tot het aanwenden van wapengeweld zou dwingen.

Op het bericht van dit besluit herleefde Cavour. Onmiddellijk kreeg hij zijn oude veerkracht terug. Den 236teu April, den dag, waarop het ultimatum hein zou worden overhandigd, vroeg hij in de Kamer van afgevaardigden om dictatoriale volmacht voor den koning, gedurende den oorlog. Zij werd, na korten tegenstand door de conservatieven, met overweldigende meerderheid bewilligd, een voorbeeld, dat twee dau-eu later door den senaat werd gevolgd. Onmiddellijk daarna ontving Cavour het ultimatum en telegrafeerde hij den inhoud aan Napoleon, die, na de ontvangst, terstond bevel gaf alle troepen te doen oprukken, terwijl aan de Oostenrijksche regeering bericht werd, dat het overschrijden der Sardinische grenzen door Oostenrijksche troepen door Frankrijk als een oorlogsverklaring zou worden beschouwd. Reeds den 258ten stonden Fransche troepen op Piëmonteeschen bodem; den 26sten overhandigde Cavour zijn weigerend antwoord aan den overbrenger van het ultimatum. Het Engelsche kabinet deed nog een laatste, natuurlijk vergeefsche, poging om te bemiddelen, welke den aanvang der vijandelijkheden twee dagen ophield, maar den 298teu

Sluiten