Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Evenwel bij het zeer verschillend standpunt van beide partijen vlotten die niet. Daarom stelde Napoleon den Oostenrijkschen keizer een

mondgesprek voor.

Den ll4cn Juli had te Villafrauca, dat tusschen de beide hoofdkwartieren op een onzijdigen strook gronds lag, de ontmoeting der beide vorsten plaats, in tegenwoordigheid van graaf Rechberg. Het duurde verscheidene uren en eindigde met het door Napoleon persoonlijk neerschrijven van den tekst eener overeenkomst, die het volgeilde bevatte.

De beide keizers zouden het tot stand komen bevorderen van een confederatie vau alle Italiaansche staten onder eere-voorzitterschap van den paus. De keizer van Oostenrijk zou Lombardije aan den keizer van Frankrijk afstaan, die het aan den koning van Sardinië zou overdragen. Peschiera en Mantua met hun gebied bleven aan Oostenrijk. Venetië zou, onder Oostenrijksch gezag, deel uitmaken van de Italiaansche confederatie. De verwanten van het Oostenrijksche huis, de groothertog vau Toscane en de hertog van Modena, zouden in hun staten terugkeeren en, even als alle betrokken regeeringen, een algemeene amnestie afkondigen. De beide keizers zouden den paus verzoeken de volstrekt noodige hervormingen in den Kerkelijken Staat in te voeren.

Napoleon moet veel moeite hebben gedaan om betere voorwaarden te bedingen, met name om in den tekst op te nemen, dat de terugkeer der vorsten niet met geweld zou mogen plaats hebben, maar het bleek onmogelijk iets meer van Oostenrijk te verkrijgen, en daar hij in elk geval den vrede begeerde, schikte hij zich. Hij schijnt niet te hebben ingezien hoe het verdrag, als het werd uitgevoerd, Oostenrijk een veel sterker stelling in Italië moest verschaffen dan het tot nog toe had bezeten, daar Venetië veel gemakkelijker alleen te verdedigen was dan met Lombardije te zamen en de terugkeer der vorsten die voortaan geheel van Oostenrijk afhankelijk zouden zijn, het laatste het gezag over Midden-Italië verzekerde, terwijl daarentegen I rank rijk in de oogen der Italianen een verrader moest wezen en Sardinië in de eerste plaats zoo goed als voor een Oostenrijkschen inval open lag en verder wel vergroot maar tevens moreel vernederd zou zijn, daar het door vreemde hulp een vruchtbare provincie had verkregen. Dat vau afstand van Savoie en Nizza thans geen sprake kou zijn, begreep Napoleon zelf volkomen.

Sluiten