is toegevoegd aan je favorieten.

Geschiedenis van onzen tijd sedert 1848

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een beschaming. In Italië hadden de toestanden er zooveel hopeloozer uitgezien dan in Duitschland, en toch kwam daar de eenheid tot stand! Daarenboven werkten er andere, niet minder sterke drijfveeren. Hoe ijverig Oostenrijksch gezind Zuid-Duitschland zich ook tijdens den Italiaanschen oorlog getoond had, zoo had toch het gevreesde gevaar, van de zijde van Frankrijk, ook het nationaal gevoel op nieuw opgewekt. De Duitsche beweging herleefde weder. In allerlei streken van Noord- en Midden-Duitschland gingen stemmen op, die op vereeniging onder Pruisen* leiding en bijeenroepiug van een Duitsch parlement aandrongen; zelfs in Wurtemberg werden die gehoord. In Augustus kwam een vergadering van vrijzinnigen te Eisenach bijeeu, die opriep tot stichting eener Duitsche Nationale vereeniging, om het sinds tien jaar begraven werk der Duitsche eenheid weder op te nemen. Werkelijk geschiedde dat kort daarna, 16 September, te Frankfort op een groote vergadering van liberalen uit alle staten van Duitschland. Maar hoewef daar "de noodzakelijkheid eener andere leiding dan die van den Bondsdag, even goed als van een Duitsch parlement, algemeen werd erkend, werd, om de Zuid-Duitschers niet tegen de borst te stooten, de opdracht van het hoogste gezag aan Pruisen niet opgenomen in het programma der nieuwe vereeniging, wier doel dientengevolge van den beginne af eenigszins onbepaald en onduidelijk was. Dat nam niet weg dat de Zuid-Duitschers haar een klein-Duitsch karakter toekenden en daarom zich over 't algemeen er buiten hielden, zoodat haar werkzaamheid tot Noord- en Midden-Duitschland beperkt bleef. Natuurlijk zagen de conservatieven haar stichting met leede oogen: de Bondsdag duldde den zetel der vereeniging niet binnen Frankfort, en in een aantal staten werden er soms vrij krasse maatregelen tegen haar genomen. In Hannover ging de minister Borries zelfs zoover van te verklaren, dat het revolutionnair drijven naar eenheid de Duitsche regeeringen zou dwingen tot het inroepen van buitenlandsche hulp, een verklaring die tot energieke protesten, in de eerste plaats bij de Hannoversehe afgevaardigden ouder leiding van Rudolf von Bennigsen, aanleiding gaf en er veel toe bijdroeg de populariteit der Vereeniging te doen toenemen. In Keur-Hessen werden ambtenaren, die lid werden, met ontslag bedreigd. De Saksische minister Beust verklaarde niet te begrijpen dat de Bondsdag niet tegen de vereeniging optrad, daar zij de souvereiuiteit der vorsten bedreigde. Ook in Pruiseu ontbrak het niet aan heftige aanvallen van conservatieve zijde, maar het gelukte

II 7