Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

landsche en Duitsche vraagstukken werd door hem zelf bepaald. Maar als Bismarck eenmaal minister was, dan, dat voelde iedereen, ook de koning, zou deze de leiding hebben; de koning mocht willen of niet,

hij zou den minister zijn eigen weg moeten laten gaan of hem ontslaan.

En beider denkbeelden liepen op vele punten wijd uiteen, niet minder dan hun karakter. Maar de koning wist ook, dat de rechten der kroon en het Pruisische staatsbelang bij niemand veiliger zouden wezen dan bij den "Markischeu jonker", die openlijk verklaarde slechts één legitimiteit te erkennen, dat is die van de Pruisische kroon.

Toen dan nu bleek dat ook het conservatieve ministerie den strijd niet langer zou durven bestaau, werd Bismarck in het midden van September door een telegram van Manteuffel opgeroepen oin naar Berlijn te komen. Den 208,en was hij in de hoofdstad. Alles was vol van het groote zevendaagsche debat over de legerwet, dat zooeven (den 18den) was afgeloopeu ; slechts de eindstemming, welker uitslag zeker was, moest nog plaats hebben. De koning was diep ternedergeslagen. Hij was 65 jaar oud en gevoelde zich niet bij machte den strijd langer vol te houden; hij droeg de oorkonde van zijn troonsafstand reeds bij zich. Alleen de onderteekening ontbrak er nog aan. Toen had dat gedenkwaardige gesprek in den tuin van het kasteel Babelsberg bij Potsdam plaats, waarin Bismarck zijn koning met nieuwen moed bezielde en op zich nam, als zijn minister de regeering te voeren en toch de legerwet te handhaven. Kenschetsend was het voor hem, dat hij verder elk uitgewerkt programma verwierp. Den 238ten September had de eindstemming plaats; niet alleen voor 1863, maar ook voor het loopende jaar werden alle kosten die de reorganisatie des legers met zich bracht, uit de begrooting geschrapt. Dienzelfden dag werd het president-ministerschap aan Bismarck opgedragen. Hohenlohe,

von der Heydt, die niet zonder begrooting wilde regeeren, en Bernstorff die reeds lang zijn portefeuille met een gezantschap had willen verwisselen, traden uit het ministerie, dat eerst den 8sten October op nieuw voor goed werd geconstitueerd. Toen werd Bismarck tevens minister van buitenlandsche zaken.

De oorlog: van 1859 had aan keizer Frans Joseph de oogeu doen Val van het

. i absolutisme

opengaan. Hij zag nu waartoe het stelsel van Schwarzenberg, zonder in oostenrijk de leiding van een karakter als dat van zijn schepper, had geleid.

De staat was zoo goed als bankroet, zijn militaire krachten waren

Sluiten