Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

evenwel niet allen overtuigd van de onschuld van den President; de meeste stemden tegen, omdat zij begrepen dat de Senaat d«sch^^" klaring op de aangevoerde zwakke gronden toch met zoude uitspreken De onbestemde beschuldigingen, hoe groot in aantal toch warenmet afdoende. Men had een bepaald feit nood.g en dit bleek niet

vinden te zijn. .. . , i

Plotseling evenwel deed het feit, waarnaar zoo ijverig gezocht werd

zich voor. Onder de vele wetten die, tegen het veto van den President,

waren tot stand gekomen was er een, waarbij zijn recht om benoemingen

te doen was beperkt door de bepaling dat de goedkeuring van den Senaat daarvoor vereischt werd, terwijl schorsing van ambtenaren op een oogenblik dat de Senaat niet bijeen was, de latere bekrachtiging door dit lichaam behoefde. Nu had Johnson, in Augustus 1867 zijnen minister van oorlog, Stanton, die zijn vertrouwen verloren had m zijne dienstbetrekking geschorst en generaal Grant tijdelijk met de waarneming daarvan belast. Na de bijeenkomst van den Senaat had hij een boodschap gezonden aan dit lichaam, waarin hij mededeelde dat gebrek aan onderling vertrouwen het hem onmogelijk had gemaakt zijnen

minister van oorlog langer te behouden, en dat hij derhalve genoodzaakt was geweest, dezen ambtenaar te schorsen en Grant in zijne plaat» met de waarneming tijdelijk te belasten. Den 18- Januari 1868 nam de Senaat een besluit, waarbij hij zijne goedkeuring aan de schorsing onthield. Johnson vleide zich: dat Grant weigeren zoude om ingevolge deze beslissing zijne betrekking neder te leggen en zich tot den ree her zoude wenden. Het opperste gerechtshof zoude dan, volgens de beginselen van het staatsrecht der Vereenigde Staten, hebben moeten uitmaken of de Senaat te recht zijne goedkeuring had geweigerd; het was uit de woorden en de geschiedenis der wet niet met juistheid af te leiden of ministers wel begrepen waren onder de ambtenaren welker benoeming de goedkeuring van den Senaat behoefde, zoodat er eenige kans bestond dat de President in het gelijk werd gesteld. Grant, in het vooruitzicht dat

hij een ernstige candidaat bij de aanstaande presidentverkiezing zoude zijn,

wenschte echter niet gemengd te worden in een staatkundig rechtsge ing ; zoodra de uitspraak van den Senaat hem bekend was geworden, ontruimde hij dan ook het departement van Oorlog, waar Stanton zich

dadelijk weder nestelde. Johnson was echter ongezind om den door hem weggezonden ambtenaar daar te dulden en benoemde ad interim generaal Thomas tot minister. Te vergeefs trachtte deze bezit te nemen

Sluiten