Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De val van het De strijd tegen de clan Sjosjioe en haar bondgenooten was intusBjogoenaat. scilen voortgezet, waarbij de betere moderne bewapening der rebellen tegenover de ouderwetsche uitrusting van een goed deel der regeeringstroepen den eersten menig voordeel bezorgde. Ue noodzakelijkheid om den laatsten gelijke gevechtswaarde te verschaffen, deed de regeering er toe overgaan Europeesche instructeurs in dienst te uemen, en bij den toenmaligen wapenroem vau het Fransche leger was het niet vreemd dat daartoe vooral Franschen werden gekozen. Over het geheel wist de Fransche resident, Léon Roclies, zich in die dagen sterk in de gunst der Japansche machthebbers in te dringen en daardoor zijn landgenooten veel voordeelige leverantiën te bezorgen, een handelwijze, die de overige gezanten uitermate kwalijk namen. Hij week geheel af van de onpartijdigheid, welke dezen meenden dat tegenover den partijstrijd in het land inoest worden in acht genomen en ging zelfs zoover, van de Fransche strijdkrachten, die in Japan aanwezig waren, ter beschikking der regeering te stellen, wat echter door deze beleefdelijk werd afgeslagen. Haar impopulariteit zou al te groot geworden zijn, als zij tot zulk een middel haar toevlucht had durven nemen. Het was al veel dat zij Europeesche stoomschepen voor het overbrengen liarer troepen huurde en deze dan onder Japansche vlag liet varen. Want bijna elke inmenging der vreemdelingen werd haar euvel geduid.

Tegen het einde van het jaar 1866 besloot de zwakke Yemoetsji zijn „kort en onrustig leven". Het was niet vreemd dat de hoofden der tot het Tokoegawa-geslacht behoorende familiën en de leden van den gorodsjo (regeeringsraad), aan wie de keus van zijn opvolger toekwam, het oog op Keiki vestigden, die reeds vroeger als candidaat voor het hooge ambt was genoemd en als regent het geruimen tijd feitelijk had bekleed en daarenboven een man van ervaring en energie was. Maar evenmin was het wonder, dat hij zelf groot bezwaar had de keus aan te nemen en dat zijn verwanten het hem ten sterkste ontrieden. Want het sjogoenaat bezat slechts een schaduw van zijn vroegeren luister. Alle gewichtige beslissingen hingen in naam van den mikado, in werkelijkheid echter vau de op het oogenblik invloedrijkste daïinio's af, maar de verantwoordelijkheid kwam niettemin neer op den sjogoen en zijn raad. Eerst na lange aarzeling nam hij de benoeming aan, naar het schijnt onder voorbehoud van afstand te mogen doen, zoodra dit in het belang des lands noodig was. De mikado bevestigde de keus

Sluiten