Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

plicht en tevens algemeene belastingplicht ging invoeren en, op de wijze van Peter den Groote, voorschriften omtrent haardracht en kleednig met den sterken arm handhaafde, was ook de landbevolking, die tot nog toe vrij wel buiten de beweging was gebleven, in onrust gebracht. Over het geheel was zij, evenals de stadsbevolking, jegens de oude regeering gunstig gestemd geweest. In den „kwanta" (de acht To oegawa-provinciën) was hun economische toestand veel gunstiger dan in de landen der daïmio's, waar zij tot veel zwaarder lasten gedwongen werden, om den vorst in staat te stellen zijn weelderig leven te bekostigen en zijn samoeraï's te onderhouden. Nu was dat laatste wet voorbij, maar de gevolgen van den burgeroorlog drukten zoo zwaar op de boeren, dat zij de verhooging van belasting, welke de regeering nu vorderde ter wille der nieuwe inrichtingen, bezwaarlijk konden dragen, zoodat er in een aantal streken oproeren ontstonden. De druk werd nog zwaarder, toen in 1S73 het groote gezantschap terugkwam. De leiders der hervormingsbeweging, die aan het hoofd er van hadden gestaan, Iwakoera, Okoebo, Kedo, Terasjima en anderen, waren door hun betrekkelijk langdurig verblijf in Europa en Amerika geheel en al onder den invloed der westersche beschaving geraakt en overtuigd geworden, dat een menigte instellingen met betrekkelijk geringe wijzigingen in Japan konden worden ingevoerd. Zij achtten die hervormingen zoo noodzakelijk, dat zij zich met alle kracht tegen de onder de samoerai s opkomende partij verzetten, welke reeds nu dreef tot uitbreiding van Japans invloed naar buiten, in de eerste plaats op Korea en lormosa. De hervormers achtten Japan nog niet opgewassen tegen dergehj e ondernemingen; bovenal moest het land, dat kwalijk vruchtbaren gron genoeg bezat om zijn bewoners te voeden, van een uitsluitend lan bouwend land tot een land van nijverheid en handel worden gemaakt, om dan als het Engeland van Azië te kunnen optreden en zijn meerderheid aan China niet alleen, maar ook aan de westersche mogendheden te toonen. Het verschil tusschen hen en de drijvers tot oorlog, lag alleen daarin, dat zij geduld hadden en de anderen met Want er was geen verschil in beginsel. Alle Japanners zonder onderscheid verlangden aan Europa en Amerika te toonen wat zij waard waren, dat zij niet gelijk stonden met de andere Aziatische volken. Het ia alle Japanners diep gegriefd, dat Saghalien in de laatste jaren van de sjogoenale regeering door de Russen voor goed was bezet ; iedereen vreesde, dat ook Yeso dit lot boven het hoofd hing, en de niet zeer

Sluiten