Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te onderhandelen en zeide inmiddels het oude verhond op tegen 3 December 1867. Volgens het door hem voorgestelde ontwerp zoude de regeeringen der Duitsche Staten, die niet tot den Noord^u.tschen Boud behoorden, voor de zaken die het Tolverbond betroffen in bondsraad zitting hebben, terwijl zij tevens, volgens de bepalingen v de Noord-Duitsche kieswet, vertegenwoordigers zouden aha B in den Noord-Duitschen rijksdag die aan de beraadslagingen «ver deze aangelegenheden zouden deelnemen. De uitvoerende macht zoude j

Pruisen berusten. .

Aanvankelijk verzette Beijereu zich tegen deze voorstellen doe

toen de andere regeeringen er zich mede vereenigden, was o en.o wel gedwongen toe te geven, wat hem persoonlijk «e g '

wist echter nog eenige concessies van Pruisen te ver n]geD'

de Kamers te München, meer bijzonder de Eerste Kamer begrepe zich bij het onvermijdelijke te moeten nederleggen- In April kwam liet tol-parlement - deze naam was op Beijerens verlangen aan het nieuwe vertegenwoordigend lichaam gegeven — te Berlijn bijeen Het was een groote stap op den weg die tot de eenheid van geheel

Duitschland zoude leiden. , • „ .

Intusschen bleek uit de werkzaamheden van deze verg g doende, dat, al mocht er ook aan welsprekende uitingen van liefde voo het groote Duitsche vaderland geen gebrek zijn, een groot verschi zoowel in denkbeelden als in belangen tusschen het ]S oorden en e Zuiden bleef bestaan. Tn Baden werd de stemming voortdurend gunstiger voor Pruisen; het denkbeeld om zich bij den Noord Duitschen Bond aan te sluiten won daar sterk veld. Wurtemberg b ee steec. erug houdend, zoo ook Beijeren, waar het ministerie-Hohenlohe vooral engevolge van zijne bestrijding door de Ultramontaanse ie par ij in 1870 zijn ontslag moest nemen.

Terwijl Bismarck aan de vereeniging van alle Duitsche lauden ond r minigter van Pruisen's opperste leiding met inspanning van alle krachten ar ei e, oostenryk. werd hij door de twee groote mogendheden aan de Zuidelijke en estelijke grenzen met leede oogen gadegeslagen. In Oostennj was nj regeering en natie de wrok tegen Pruisen door den vrede met afge oe .

Men was wel gedwongen te berusten in zijn lot, maar gevoelde zici diep gekrenkt. De Keizer toonde zijne vijandige gevoelens tegen den Pruisischen minister, die de hoofdbewerker van Oostenrij *s \erne ennc

Sluiten