Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

meer aan en bleef te San Sebastiaan; nadat de tijding van den voor haar ongelukkigen strijd te Alcolea aldaar was aangekomen en de geruchten van opstand uit alle streken tot haar doordrongen, achtte zij zich niet langer veilig op Spaansch grondgebied. Den 30'ten September vertrok zij van San Sebastiaan over de grenzen naar Biarritz. Hier werd zij aan het spoorwegstation opgewacht door Napoleon III en Eugenie. Zij wierp zich snikkend in de armen der Keizerin, en de Keizer bood haar dadelijk het kasteel te Pau als woonplaats aan. Een door haar uitgevaardigd protest, waarbij zij haar gedrag verdedigde, werd door hare tegenstanders als een zoo weinig gevaarlijk stuk beschouwd, dat zij het in het officieel dagblad van het revolutionnair bewind te Madrid in zijn geheel deden opnemeu. Wat er ook verder mocht gebeuren, hierover was bijna geheel Spanje het dan ook weldra eens, dat een terugkeer van Isabella voor altijd was uitgesloten.

Wat er voor haar koningschap in de plaats moest komen, was minder zeker. Het voorloopig bewind dat te Madrid optrad, bestond uit Serrano als minister president, Prim als minister van oorlog, en eenige der meest bekende vertegenwoordigers vau de Unionistische en progressistische partijen. Het ontbond alle revolutionnaire junta's die zich in de verschillende steden hadden opgeworpen, en richtte zich tot het Spaansche volk met een beginsel-verklaring, waarbij vrijheid van godsdienst, van onderwijs en van vereeniging als de eerste eischen werden vooropgesteld en voorts de noodzakelijkheid van het monarchale regeeringsstelsel voor Spanje werd verkondigd. Natuurlijk lokte dit stuk een hevig verzet uit van de zijde der republikeiusche partij, die vooral in liet Zuiden van Spanje vele aanhangers telde en onder wier talentvolle leiders Castelar, door een der vroegere regeeringen als hoogleeraar te Madrid afgezet, vooral op den voorgrond trad. De republikeinen roerden zich in het gansche land. Zij verkondigden overal, dat de vrijheden die de voor1 oo pi ge regeering beloofde en het algemeen stemrecht dat zij verklaarde te zullen invoeren, onbestaanbaar waren met de monarchie. In December ontstonden er, gedeeltelijk tengevolge van het optreden der republikeiusche partij, voor een misschien nog grooter deel door de daling der arbeidsloonen, ernstige volksbewegingen in Cadix en Malaga, die door krachtig optreden van leger en vloot werden bedwongen, doch niet dan na ernstige straatgevechten in beide steden. In het Noorden begonnen tegelijkertijd de Carlisten teekenen van leven te geven; te Burgos bewerkten zij een oproer, waarbij de gouverneur door het volk op straat

Sluiten