Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

men wist te Parijs niet of de overgave van Sedan en de vestiging der nieuwe regeering hem bekend waren, en men veronderstelde dat hij de Keizerlijke regeering zoude blijven erkennen. De mannen, die nu te Parijs aan het hoofd stonden, waren nimmer in de regeering geweest en misten dus elke ervaring, zij hadden tot nog toe in de Kamer als onverzoenlijke tegenstanders der regeering voortdurend den heftigstcn staatkundigen strijd gevoprd, een ongewenschte voorbereiding voor het uitoefenen van het hoogste gezag in een sterk bewogen maatschappij. Aan hun hoofd stond Trochu, die zich als krijgsman alleen wilde bepalen tot de zware taak die de verdediging van het land hem oplegde. Jules Favre, die als minister van Buitenlandsche Zaken de eerste en zwaarste rol te vervullen had, was een welmeenend man, maar zonder diplomatische ervaring en diplomatisch en aanleg, een advokaat wien het aan kennis en welsprekendheid niet ontbrak, maar wel aan staatkundig beleid. Zijn warm vaderlandslievend gemoed verkeerde in den waan dat Europa, met het lot van Frankrijk bewogen, gereed zoude staan om zijn vaderland ter hulpe te snellen en dat wellicht de Koning van Pruisen, na den val van den Keizer die den oorlog had begonnen, genegen zoude zijn om met de nieuwe regeering op voor haar aannemelijke voorwaarden vrede te sluiten. Om zich ten opzichte van de stemming in het buitenland zekerheid te verschaffen, deed hij een beroep op de vaderlandsliefde van Thiers, wiens naam in geheel Europa bekend was en die persoonlijk met de voornaamste buitenlandsche staatslieden in aanraking was geweest. Thiers gaf dadelijk gehoor aan dit verzoek en vertrok naar Engeland, met het voornemen om, na Londen, ook Weenen, Florence en Petersburg te bezoeken.

Tegen den zin zijner ambtgenooten, allen, met uitzondering van Trochu, heethoofden, doortrokken van de denkbeelden en overleveringen der groote omwenteling, voor welke de onverwinlijkheid van de gewapende natie een ontwijfelbaar geloofsartikel was, waagde Jules Favre zeer in het geheim een poging om met den Koning van Pruisen in onderhandeling te komen. Op 18 en 19 September werd hij door Bismarck te Ferrières ontvangen, maar hij keerde bitter teleurgesteld naar Parijs terug. Een vrede zonder afstand van grondgebied bleek ten eenenmale onmogelijk, Bismarck verklaarde nadrukkelijk dat Duitschland, ten einde in de toekomst voor Fransche invallen veilig te zijn, Elzas en Lotharingen moest inlijven. Yan een voorloopige vredesonderhandeling kon dus niets komen. In een brief aan alle vertegen-

Sluiten