Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het ministerie stond, wilde echter alles vermijden wat tot een oorlog kon leiden, en zijn ambtgenoot van Buitenlandsehe Zaken, Lord Granville, was evenmin oorlogzuchtig. Zij besloten een buitengewoon gezant naar het Duitsche hoofdkwartier te Versailles te zenden, in de volledige bewustheid dat Bismarck de man was die bij de eindbeslissing het laatste woord zoude kunnen spreken. Hunne keus voor deze moeielijke zending viel op een van Engeland's beste diplomaten, Odo Russell, die met groot beleid deze onderhandeling tot een bevredigend einde wist te brengen. Bismarck, die er geen oogenblik aan twijfelde of Rusland zoude alles verkrijgen wat het wenschte, indien zijne verlangens slechts onder een anderen vorm bij de mogendheden werden aangebracht, kwam met Russell overeen, dat Pruisen de mogendheden tot een conferentie zoude uitnoodigen, ter bespreking van de eischen van Rusland, zonder dat vooraf aan de verklaring van Gortschakow eenige rechtsgeldigheid was toegekend. Jfiet zonder tegenstribbeling liet Rusland zich overreden om hiermede tevreden te zijn, het gaf echter toe, in het zekere vooruitzicht van op de conferentie alles te zullen verkrijgen wat het wenschte. Frankrijk's houding ten opzichte dezer conferentie was moeielijk. Door de insluiting van Parijs, waar Favre de minister van Buitenlandsehe Zaken, zich bevond, was de gemeenschap met de delegatie van Tours, waar Chaudordy voor het beheer der Buitenlandsehe Zaken was aangewezen, zeer belemmerd, de eenheid van beleid liet hierdoor veel te wenschen over. Ten slotte werd Favre, aangewezen om Frankrijk te vertegenwoordigen, waarop door de Engelsche regeering een vrijgeleide voor hem in het Duitsche hoofdkwartier werd aangevraagd. Bismarck had evenwel zijne redenen om te wenschen dat Favre niet te Londen verscheen; hij kon voorzien dat deze in de conferentie de beëindiging van den oorlog zoude ter sprake brengen en, ofschoon er was vastgesteld dat alleen over de Zwarte Zee mocht worden gehandeld, kon een dergelijke bespreking, of zelfs een poging daartoe, eenigen invloed hebben op de houding der onzijdige mogendheden, welker tusschenkomst bij de aanstaande vredesonderhandelingen Bismarck volstrekt wilde afsnijden. Teneinde Favre te weren werden er dus door Bismarck allerlei kleine bezwaren van vormelijken aard tegen het uitreiken van het vrijgeleide geopperd. Toen het eindelijk in handen van Favre kwam, was het bombardement van Parijs reeds begonnen en kon hij, als hoofd van het bewind, er niet toe besluiten om Parijs te verlaten. Intusschen kwam de conferentie, in Januari 1871, te Londen bijeen, zonder dat

Sluiten