Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te Bordeaux had, zooals wij vermeldden, het plan opgevat om de troepen van Bourbaki, in dit gedeelte van Frankrijk aanwezig, het ontzet van Belfort te doen beproeven; mocht dit gelukken dan moesten zij in den Elzas doordringen en zoo mogelijk over den Rijn, in het Groothertogdom Baden. De Franschen hadden in deze streken onverwacht een bondgenoot gekregen. Na het uitroepen van de republiek had Garibaldi zijnen degen aan Frankrijk aangeboden. Hij was met een bende vrijwilligers uit alle landen afkomstig in Frankrijk aangekomen, waar zich spoedig een aantal Franschen bij hem aansloten, zoodat hij een niet onaanzienlijk leger onder zijne bevelen had, waarmede hij tegen Dyon oprukte. Een goed geordend leger was het geenszins, en de aanvoerder die de gebreken van den ouderdom begon te gevoelen, was niet meer de onstuimige en vurige krijgsman uit den tijd van den Italiaanschen vrijheidsoorlog. De Fransche regeering was eigenlijk met den vermaarden vrijheidsheld wel wat verlegen, de warme republikeinen hadden hem met groot gejubel ontvangen, maar de meer koelziimigen zagen hem met eenigen schroom aan den krijg deelnemen, en de katholieken waren over zijne komst in hooge mate ontstemd. De Fransche bevelhebbers wilden natuurlijk niet onder zijne bevelen staan en hijzelf kon niet onder het opperbevel van een Franschman worden geplaatst. Vandaar dat hij een min of meer zelfstandige stelling innam en een oorlog op eigen gezag voerde. De zoo noodige samenhang tusschen de krijgsverrichtingen in dit deel van het land werd hierdoor gedurig verbroken.

Bourbaki, een bekwame krijgsman, beijverde zich met alle krachten om, zoo goed en zoo kwaad als het ging, per spoor zijn leger naar de oostergrens over te brengen. Hij had daar tegen zich over von Werder met een leger, dat aanmerkelijk zwakker in getalsterkte was dan het zijne. Von Werder ontruimde dan ook Dyon, dat door Garibaldi werd bezet en trok zijne troepen bij Belfort te zamen. Er volgde nu een treffen bij Villersexel op 9 Januari, dat niet ongunstig voor de Franschen afliep, doch dat von Werder niet belette om achterwaarts weder een sterke stelling aan de rivier de Lisaine in te nemen. Hier wachtte hij met zijne betrekkelijk kleine macht den veel sterkeren vijand af. Had Bourbaki een goed geoefend en welverzorgd leger onder zijne bevelen gehad, dan zoude zijne overwinning niet twijfelachtig zijn geweest, maar in den toestand waarin zijne troepen verkeerden baatte hem zijne overmacht niet. Zijne soldaten, die inderdaad gebrek leden, waren niet in staat om een ernstigen strijd te voeren. Na een gevecht van drie dagen, waarbij de Duitschers

Sluiten