Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

neringdoenden en de werklieden te straffen voor hunne republikeinsche gevoelens.

De hoogere standen hadden voor een groot deel Parijs verlaten; zij die aan de verdediging een werkzaam aandeel hadden genomen, hadden zich gehaast om na de overgave hunne huisgezinnen te gaan opzoeken, die meestal gedurende het beleg buiten de stad een goed heenkomen hadden gezocht. Vandaar dat in de gelederen der burgerwacht, die in het bezit harer geweren was gebleven, de rustige en ordelijke bestanddeelen en vooral de goedgezinde officieren bijna geheel ontbraken. Een ontevreden en opgewonden menigte, van geweren en patronen ruim voorzien, vulde dagelijks de straten, tusschen haar in bewogen zich de soldaten van het ontwapende leger, jonge mannen zonder middelen van bestaan, wien het onmogelijk was naar hunne haardsteden terug te keeren, omdat de middelen van gemeenschap nog in onvoldoenden staat waren. Politie en leger waren niet talrijk genoeg om orde en gezag te handhaven. Op 26 Februari, den dag waarop de voorloopige vrede was geteekend, werd een inspecteur van politie op klaarlichten dag door het volk op straat aangegrepen en op de gruwelijkste wijze mishandeld. De ongelukkige werd ten slotte in de Seine geworpen, en toen hij zich zwemmende trachtte te redden van den oever met steenen door de menigte doodgegooid. Dat zulke schandelijke daden ongestraft konden gepleegd worden toonde voldoende aan, dat een misdadige geest de gemoederen had aangegrepen en dat er geen macht meer aanwezig was om zijne uitingen

met geweld te onderdrukken.

De macht die de booze hartstochten prikkelde en het vuur van den burgerhaat aanblies, was daarentegen sterk vertegenwoordigd binnen Parijs. Alle leiders van vroegere omwentelingen en oproeren, alle staatkundige warhoofden en heethoofden van Frankrijk waren naar Parijs gekomen, in de hoop er nu het welbereide tooneel te vinden waarop zij hunne denkbeelden zoude kunnen verwezenlijken en hunne aanslagen tegen den staat en de maatschappij volvoeren. Aan hen had zich een groot aantal vreemdelingen aangesloten, vooral Polen en Italianen, leden van de groote internationale omwentelingspartij in Europa, die altijd te vinden waren in troebele staatkundige wateren en die reeds dadelijk na het uitroepen der republiek, op avontuur, naar Parijs waren

gestroomd. . .

In Februari was er een begin gemaakt met de vereemgmg van alle omwentelingsgezinde en ontevreden groepen onder een gere-

Sluiten