Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

district waren gekozen. Thiers was, zooals wij hebben vermeld, in 26 districten gekozen, waardoor alleen reeds vijf-en-twintig verkiezingen noodig waren; in het geheel bedroeg het aantal zetels dat vervuld moest worden 111. Yan deze werden 100 door republiekeinen veroverd, zoowel gematigde als vooruitstrevende, en slechts 11 door beslist monarchale candidaten. Dit alles was reeds gebeurd toen de geruchten omtrent volkomen eenstemmigheid tusschen de legitimisten en Orleanisten meer en meer geloof begonnen te vinden, en nog voor dat de graaf van Chambord zijn manifest had uitgevaardigd.

]\adat deze de witte vlag had ontplooid, werd de algemeene stemming voor de monarchie natuurlijk niet gunstiger; de republiekeinen bleven niet in gebreke, om er op te wijzen dat het herstel der monarchie nu niet anders meer kon zijn dan een terugkeer tot de beginselen van het oude regime voor 1789, of althans tot die van de Restauratie van 1813 tot 1830, en voor de boeren en burgers van Frankrijk, die rust en vrede wenschten, was dit een bijna even groot schrikbeeld als de roode republiek.

De stemming in het land vond hare afspiegeling in de vertegenwoordiging. Onder de meer behoudende leden, die een grondwettige monarchie niet ongezind waren, begonnen velen van lieverlede in te zien, dat deze bij ontstentenis van het onmisbare bestanddeel, den monarch, in de gegeven omstandigheden onmogelijk was en dat een republiek met behoudende instellingen de eenige regeeringsvorm was, die thans in Frankrijk een toekomst had, en die in staat was duurzaam aan het land de rust en orde te geven die het zoozeer behoefde. Zij vereenigden zich tot een groep, het linker centrum genoemd, waartoe vele gematigden en daaronder een aantal van de bekwaamste leden der Kamer allengskens toetraden. Het was een van de leden dezer partij, Rivet, die de voorloopige vestiging der republiek voorstelde, waaraan de monarchalen, noodgedwongen zooals wij zagen, hunne toestemming gaven. Deze begrepen echter dat zij zich nu niet verder moesten laten dringen, daar het land van lieverlede aan de republiek begon te gewennen en vertrouwen in Thiers' bewind toonde; zij zagen met schrik hoe bij den dag door hen terrein werd verloren en hoe de natie zich niet alleen van den onhandelbaren kroonpretendent maar ook van het gansche koninklijke geslacht begon af te wenden. De tot nog toe door hen aangenomen lijdelijke houding mocht niet langer worden gehandhaafd, zij moesten optreden, zoo al niet als herstellers der monarchie dan toch als bestrijders der republiek;

Sluiten