Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

als zeker van de overwinning. Hij had zijnen ouden afkeer van het Keizerrijk overwonnen, en zich den steun van Rouher en de Bonapartisten verzekerd, die Mac-Mahon in elk geval een winst achtten en waarschijnlijk wel voorzagen dat het Koningschap van den graaf van Chambord toch onmogelijk zoude blijken. Op den dag dat de vergadering te Versailles weder bijeenkwam, vond zij op het bureel van haren President, Buffet, die ook tot de rechterzijde behoorde, een verzoek om de regeering te mogen interpelleeren, geteekend door drie honderd twintig leden van de vergadering. Het luidde ongeveer aldus: de ondergeteekenden, er van overtuigd dat de ernst van den toestand eischt, dat aan het hoofd van de zaken een kabinet sta, dat door zijne vastberadenheid het vertrouwen van het land bezit, wenschen het ministerie te interpelleeren over de "wijzigingen die het ondergaan heeft en over de noodzakelijkheid om een beslist behoudende staatkunde te volgen. Broglie lichtte deze interpellatie op 23 Mei toe; hij werd door den minister Dufaure beantwoord. Hierop vroeg Thiers het woord, doch volgens de kort te voren aangenomen wet mocht hij pas op den volgenden dag spreken. Zijne rede begon met een zeer welsprekende verdediging van zijn beleid sedert 1S71, daarna deed hij uitkomen dat de vestiging der monarchie onmogelijk was, omdat er maar één troon was en geen drie mededingers daar tegelijk op konden plaats nemen, en hij eindigde met Broglie, die hem had beklaagd omdat hij door de radicalen moest beschermd worden, te voorspellen dat deze op weg was om de beschermeling van het Keizerrijk te worden. Nadat hij geeindigd had, moest volgens de nieuwe wet de zitting worden gesloten; zij werd in den namiddag hervat, maar het was Thiers volgens hare bepalingen niet vergund die bij te wonen. In deze zitting werd door een lid der rechterzijde, Ernoul, een afkeurende motie voorgesteld, die met een meerderheid van 16 stemmen, 360 tegen 344, werd aangenomen. Hierop volgde dadelijk de aftreding van het ministerie en het verzoek om ontslag van Thiers, dat in een avondzitting aan de vergadering werd bekend gemaakt. Dadelijk werd besloten om tot de verkiezing van een opvolger over te gaan. De linkerzijde onthield zich, zoodat Mac Mahon met bijna algemeene stemmen, 390, werd gekozen. De president der Kamer begaf zich onmiddellijk naar den maarschalk, om hem den uitslag mede te deelen en kon te middernacht in de andermaal hervatte vergadering mededeelen dat Mac-Mahon de benoe-

Sluiten