Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

weer verloren. Een Griek, Tlieodotus of Diodotus, stichtte, gelijk wij later zien zullen, het Bactrische rijk, spoedig daarop maakten ook de Parthen zich onafhankelijk. Ook met Egypte voerde Antiochus Tlieos een ongelukkigen oorlo"; hij verwierf slechts vrede onder voorwaarde, dat hij zijne gemalin Laodice verstooten en eene dochter van den Egyplischen koning Ptolemaeüs II, Philadelphus, Berenice genaamd, huwen zou, terwijl hij aan de afstammelingen der Egyptische vorstin de erfopvolging in het rijk moest verzekeren.

Antiochus werd spoedig zijne nieuwe gemalin moede; toen hij eens eene reis naar Klein-Azië maken wilde, riep hij Laodice weder tot zich. /ij kwam, maar wist wel, dat de zwakke koning even licht hesluiten zou om haar opnieuw te verstooten, als hij dit reeds eenmaal gedaan had. Ten einde den troon aan hare zonen te verzekeren, oflerde zij haar echtgenoot op: Antiochus werd door haar vergiftigd. Op zijn sterfbed beval hij. dat Seleucus, de zoon

van Laodice, zijn opvolger zou zijn. , „ . u»,

Door een gloeienden haat tegen Berenice en de Egyptenaais bezield, net Laodice alle vrienden en vertrouwelingen der Egyptische vorstin vermoorden. Te eeliiker lijd zond zij vertrouwde handlangers naar Antiochië, om ook den zoon, dien Berenice ter wereld gebracht had, te dooden. Te midden van den koninklijken hofstoet volbracht de moordenaar zijn last; daarop vluchtte hij. Berenice, die met eigene band den dood baars zoons wilde wreken, wapende zich en ijUle op een wagen den moordenaar achterna. Zij haalde den vluchteling in, wierp hare speren naar hem en velde hem, toen zij haar doel miste, mei een steenworp neder. Vervolgens joeg zij hare paarden over het lijk been en spoedde zich weer naar het huis, waar zij bet lijk van baar kind verborgen waande. . . .... .,

Het volk kwam in opstand ten gunste der koningin, eene hjtwacnt van Gallische huurlingen moest haar tegen Laodice beschermen, zij trok zich 111

bet lustslot Daphne terug.

Ue aanhangers van Laodice belegerden bel slot en het gelukte hun met geweld de sterkte binnen te dringen. Te midden van bare vrouwen werd Berenice vermoord; vele barer slavinnen deelden in haar lot.

De moord, op de koningin en den jongen vorst gepleegd, bracht 111 de steden van Klein-Azië eene geweldige opschudding, ja een opstand tegen Seleucus II, Callinicus, den zoon van Laodice, teweeg. Ook de broeder deivermoorde vorstin, Ptolemaeüs III, Euergetes, snelde toe om dien moord te wreken. In een langdurigen oorlog drong bij zegevierend voorwaarts; bijna het geheele rijk der Seleuciden werd door hem veroverd. ...

"liet belang der Plolemaeën bracht niel mede, hun rijk over geheel Azie uit te breiden. De overwinnaar liet zich dus in het jaar 243 bewegen om naar Egvpte terug te keeren, terwijl bij van zijne gemaakte veroveringen alleen Pamphilië, Lycië, Carië en een aantal Aziatische kuststeden behield.

Het Seleucidische rijk was -door den oorlog op vreeselijke_wijze geteisterd, want de Egyptenaars sleepten een onnoemelijken buit uit Azië weg.

De verdere geschiedenis der Seleuciden, eene aaneenschakeling van moorden en schanddaden van allerlei soort, bezit voor de geschiedenis der wereld niet het minste belang. Wij vermelden dus alleen, dat Seleucus II, Lallinicus, m het iaar 2oo in een veldtocht tegen de Parthen geslagen werd; terwijl zijn zoon Seleucus III, Ceraunus, reeds in bet derde jaar zijner regeering werd vergiftigd. Hij werd opgevolgd door zijn broeder Antiochus 111, van --- tot 187, die later den bijnaam »de Groote" ontving. Op de geschiedenis \au dezen vorst, die met de Romeinsche historie in bet nauwste verband staat,

komen wij later terug. . .

Onder de zwakke regeering der opvolgers van Seleucus l jNicator verviel bet Seleucidische rijk meer en meer. De eene provincie na de andere viel at en ten laatste bestond bet gebied der Seleuciden alleen nog uit Syrië en de ten oosten van dit gebied gelegen landen. In bet westen en het noorden \ au

Sluiten