Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

deelde hem liet voorgevallene mee. Onmiddellijk verlieten de consuls hunne woningen, de gezanten en de saamgezworenen werden gevangen genomen de brief aan den verdreven koning werd gevonden. De consuls lieten de verraders in boeien slaan, maar de gezanten ongestraft vertrekken, ten einde geen ïnbreuk te maken op het volkenrecht. Was het vroeger onzeker geweest, welk antwoord de senaat zou geven op de vraag, of de koninklijke goederen aan Tarnuinius teruggegeven zouden worden, thans werd dit punt ten nadeeledes koning beslist. Be goederen werden aan de burgers ter plundering overgegeven" terwijl een gedeelte daarvan, de akker, die tusschen de stad en den Tiber lag, aan Mars gewijd en voortaan het veld van Mars (campus Martius

genaamd werd. , , ■

Nadat de bezittingen des konmgs geplunderd waren werd gericht o\ei

de verraders gehouden: de consuls veroordeelden hen ter dood. Wel was net eene hoogst pijnlijke taak voor Lucius Junius Brutus het doodvonnis over ziine eigen zonen uit te spreken, maar hij deinsde daarvoor niet terug en woonde°zelf de terechtstelling bij. Terwijl het volk er over jammerde, dat de zonen van Rome's bevrijder als slachtoffers van de wreede wet moesten vallen staarde Brutus met koelen, ernstigen blik op de veroordeelden. Noor ziine oogen ontkleedden de lictoren de aan den paal gebonden jongehngen, "eeselden hen en hieuwen hun het hoofd al. Geene enkele trek op het gelaat des consuls verried, dat zijn hart van droefheid over liet lot der zijnen ineenkromp. Be trouwe slaaf, die de samenzwering aan het licht gebracht en daardoor de stad gered had, ontving lol belooning de vrijheid en het burgerrecht.

Toen Tarnuinius Superbus bericht ontving van den afloop der samenzwerm", ontstak hij in toorn en wraakzucht tegen de slad; hij wendde zich om ondersteuning tot de Etruscische steden, in de eerste plaats tot Veji en Tarquinii, de stad, waaruit zijn geslacht afkomstig was. Beide sleden beloofden hem hare hulp.

Twee ler,ers rukten op Rome aan, om den koning weer op den troon te plaatsen. Aan de grenzen van het Romeinsche grondgebied stiet het leger der Etruscen op dat der Romeinen, hetwelk door de beide consuls werd aangevoerd. Be Etruscische ruiterij stond onder bevel van Aruns Tarquinius. Toen deze uit de verte den door lictoren omringden consul herkende, nep hij in toorn ontvlamd: »Baar is de man, die ons uit ons vaderland verbannen en in ellende gestort heeft; goden, wrekers der koningen, helpt ons!' Hierop gaf hij zijn paard de sporen en rende regelrecht op den consul toe. Brutus ontweek hem niet, maar snelde integendeel, van strijdlust blakend, zijn vijand te «emoet Met zulk eene woede stormden beiden op elkander los, dat geen hunner aan verdediging dacht; met de lans doorboorden zij elkander van weerszijden, beiden stortten stervend van het paard.

Nu ontbrandde het gevecht ook tusschen de beide legers; het werd mei afwisselend geluk gevoerd. Aan beide zijden behaalde de rechtervleugel de overwinning, terwijl de linker geslagen werd, en toen de nacht daalde, had -'een der beide legers gezegepraald. Bocli de godheid zelf — zoo verhaalt de legende — kende aan de Romeinen den prijs der overwinning toe. In de stilte van den nacht weerklonk uit hel Arsische woud. in welks nabijheid de strijd gevoerd was, de geduchte stem van Silvanus, die den Romeinen de overwinning toeschreef. Boor een doodelijken schrik aangegrepen trokken de Etruscen af; toen het dag was geworden, was nergens meereen vijand te zien Be consul Valerius verzamelde de buitgemaakte wapenen en keerde 111 zegepraal naar Rome terug. Zijn amblgenool Brutus liet hij met de grootste statie begraven. Het volk betreurde den bevrijder der stad, de vrouwen beweenden0 hem als een vader gedurende een vol jaar, dewijl hij de eer der kuische Lucretia gewroken had. Valerius droeg met aanstonds zorg voor hel. benoemen van een tweeden consul. Dit kwam liet volk verdacht voor en toen hij daarna zelfs een woonhuis op een berg bouwde, meenden de burgers,

Sluiten