Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Mei moed en geestkracht, met kalme beradenheid namen zij maatregelen, zoowel om het volk tot rust te brengen als zich opnieuw tot den strijd (oe te rusten. De ziel dier bijeenkomsten was de oude Quintiis Fabius Maximus Cunctator. Op zijn voorstel werden ruiters op de wegen naar Apulië uitgezonden, om tijding in te winnen ten aanzien van het lot des legers, omtrent hetwelk men slechts onzekere geruchten vernomen had. De senatoren moesten in persoon krachtig in het raderwerk van het staatsbestuur ingrijpen, dewijl van de eigenlijke staatsbeambten de meesten zich bij het leger bevonden.

Opdat het rumoer in de stad zou ophouden, werden de vrouwen van de straten verdreven, zelfs in de huizen mochten zij niet bij elkaar komen, want de tranen der weenenden bluschten den moed der mannen uit. Ook de burgerij ontving bevel om te huis te blijven, niemand mocht de stad verlaten, alle burgers moesten zich gereed houden om haar met het zwaard in de vuist te verdedigen.

Na eenige dagen van ondragelijke spanning kwam er van den consul Terenlius Varro een brief, die het bericht van het vreeselijk verlies, bij Cannae geleden, bevestigde. Varro deelde mede, dat hij zelf te Canusium hel overschot des legers, ongeveer 10,ÜU0 man ongeordende strijders, zooals Livius verhaalt, verzamelde.

Thans gaf de senaat de verschillende familiën bericht van de door haar geleden verliezen, doch opdat de rouw het volk niet van allen moed berooven zou, gebood hij te gelijker tijd, dat deze tot dertig dagen beperkt werd. Om het volk tot rust te brengen moest de senaat hel bijgeloof der groote menigte ontzien. Meer dan één ongunstig teeken had het ongeluk vooraf aangekondigd. Twee Vestaalsche maagden, Opimia en Floronia, waren overtuigd dat zij een ontuchtig leven geleid hadden; de eene was volgens de overoude gewoonte bij de Collinische poort levend begraven, de andere had door zelfmoord een eind aan haar leven gemaakt. Een priester, de boel van Floronia, was op bevel des opperpriesters zoo lang in het openbaar gegeeseld, tot hij onder de strafoefening den geest gaf. Dat de goden de onkuischheid der Vestaalsche maagden streng straffen zouden, hiervan waren de Romeinen overtuigd; de nederlaag bij Cannae werd dus door hen als een gevolg van die misdaad beschouwd. I)e senaat gaf hierom bevel, dat men de heilige boeken zou raadplegen over de vraag, op welke wijze de goden het best verzoend konden worden. Quintus Fabius 1'ictor, die later als de oudste Romeinsche geschiedschrijver zich beroemd maken zou, werd naar het orakel van Delphi gezonden om te onderzoeken, door welke middelen de goden bevredigd konden worden.

Terwijl hij op reis was, werden offeranden van allerlei aard, onder anderen ook menschenoffers, gebracht. Een Gallische man en vrouw, een Griek en eene Griekin liet men in een onderaardsch gewelf op de markt inmetselen.

Nadat de goden, naar de meening des volks, behoorlijk verzoend waren, begon men zich opnieuw lot den strijd toe te rusten en hierbij gingen alle standen, alle staalkundige partijen met eene waarlijk bewonderenswaardige eendracht te werk. Had de strijd der beginselen op staatkundig gebied, de twist tusschen de democratische en de aristocratische partij in de laatste jaren alle gemoederen in vlam gezet, thans sverdde strijd vergeten, want het gemeenschappelijke vaderland was in gevaar. Zoowel democraten als aristocraten lieten zonder aarzelen hunne partijschap varen, om de handen ineen te slaan. Aan den aristocratischen senaat liet hel volk vol vertrouwen de opperste leiding van den oorlog over, het stond toe, dal de senaat de bevelhebbers benoemde, het keurde goed, dat het opperbevel, tegen de tot dusver heerschende gewoonte in, langer dan den bepaalden tijd aan denzelfden man werd toevertrouwd en alleen voor den vorm werd hiervoor de toestemming der comitiën voorbehouden. De senaat toonde zich ook op zijne beurt zulk een vertrouwen waardig, daar ook hij zich boven alle partijschap verhief.

Toen de democratische consul Varro, een der weinige aanvoerders, die

Sluiten