Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Carlliago genomen. Hannibal werd ten eeuwigen dage verbannen, zijn verinogen verbeurd verklaard, zijn huis geslecht.

Van dezen dag af aan regeerden te Carthago weer de oligarchen, die geen ander doel van hun streven kenden, dan hunne hooge beschermers te Rome niet te vertoornen. Van deze zijde hadden de Romeinen na Hannibals vlucht des te minder te vreezen, vermits de vroeger zoo machtige stad door den met Rome nauw verbonden koning Massinissa voortaan geheel in toom werd gehouden.

De Numidiërs *), die tot dusver een woest herders- en rooversvolk waren geweest, werden door Massinissa tot geduchte krijgslieden en tot vlijtige landbouwers gevormd. Ilun koning werd de stichter van een nieuwen staat, van het Numidische rijk. Massinissa was een man van buitengewonen aanleg, krachtig naar lichaam en geest, als geschapen om de aanvoerder en hervormer van èen onbeschaafd roofvolk te zijn. Zijn ijzersterk gestel vergunde hem de grootste vermoeienissen te verduren, vier en twintig uren kon hij in den zadel doorbrengen, zonder dat zijne kracht werd uitgeput. Door zijne scherpzinnigheid en wakkerheid van geest wist hij zich een overwicht over al zijne stamgenooten te verwerven en meesterlijk verstond hij de kunst om hen aan orde en tucht te gewennen. Reter dan iemand anders wist hij zich zelf te beheerschen, wanneer hij zich tegenover maclitigeren dan hij geplaatst zag, terwijl hij zonder aarzelen, zoodra zijn belang dit medebracht, den zwakkere verpletterde. Onkreukbaar was zijne trouw aan de Romeinen, steeds was hij bereid om aan het bondgenootschap met hen het liefste wat hij bezat ten offer te brengen. Van die trouw had hij, gelijk Livius ons verhaalt, reeds aan Scipio in den oorlog tegen Carthago een schitterend blijk gegeven.

Nadat Syphax overwonnen was, had Massinissa zich ijlings naar Cirta begeven en den koningsburg van zijn vijand ingenomen. In den voorhot trad Sophonisbe, de gemalin van Syphax, de bekoorlijke dochter van den Carthager Hasdrubal, hem te gemoet. Zij wierp zich voor den overwinnaar op de knieën en smeekte hem, haar niet in de macht der Romeinen te laten vallen, zij bezwoer hem, indien er geene andere uitweg open stond, haar door den dood aan de willekeur der Romeinen te onttrekken.

Massinissa werd door de bede der beeldschoone jonge vrouw verteederd. zijn hart ontbrandde in liefde voor haar. met handslag beloofde hij haar, dat hij alles zou doen wat zij gevraagd had; hierop trad hij het paleis binnen en gaf bevel om alles voor de bruiloft in gereedheid te brengen.

Eer de Romeinen de echtgenoot van Syphax gevankelijk konden wegvoeren, had Massinissa haar tot zijne gemalin gemaakt. Nauwelijks was de bruiloft gevierd, of Laelius, de Romeinsche onderbevelhebber, verscheen om de gevangene in ontvangst te nemen; hij was hevig vertoornd, toen hij den stap, door Massinissa gedaan, vernam, en eerst toen deze hem smeekte voor loopig ten minste Sophonisbe bij hem te laten, stemde hij er in toe, dat Scipio zelf in dezen eene beslissing nemen zou.

Toen de opperbevelhebber hoorde, dat Massinissa de schoone Larlhaagsche tol vrouw genomen had vreesde hij, dat de invloed der listige vrouw hun bondgenoot afvallig zou maken. Hij ontving Massinissa, toen deze tol hem kwam, op de meest eervolle wijze, doch verweet hem Iegelijk opzachten toon, dat hij zich door de schoonheid eener vrouw had laten verleiden.

»Redenk," zoo ging hij voort, «dat Syphax onder het opperbevel van een Romein is overwonnen en gevangen genomen. en dat bij gevolg zijne vrouw, zijn rijk en alles wat hem toebehoort de buit van het Romeinsche volk is.

*) Omtrent de afkomst der Numidiërs weten wij niets met zekerheid. IJe enkele overblijfselen van hunne taal, die tot ons gekomen zijn, duiden aan, dat geen ons bekend volk met den Numidischen stam verwant is. Nog heden ten dage bewonen de afstammelingen der Numidiërs het Noord-Afrikaansehe kustland, ze zijn onder den naam Berbers of Kabylen bekend.

Sluiten