Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

stormenderhand ingenomen worden; dit geschiedde niet dan na een hevigen strijd en zes dagen duurde het, eer de belegeraars den voet der steile iot> bereikten, waarop de burg gebouwd was.

Om zich meer ruimte te verschaften, liet Scipio het reeds \ero\eiue gedeelte der stad in brand steken; vele ongelukkige, weerlooze Caithagers, die zich in de huizen verscholen hadden, kwamen in de vlammen orn' .

De burg, waarin meer dan 50,000 menschen, het laatste overblijlsel van de bevolking der aanzienlijke stad. vereenigd waren, was thans van alle zijden ingesloten. l)e burgers gaven de hoop op redding op; zij hauden gebrek aan levensmiddelen; alle verdere verdediging scheen vruchteloos. Derhalve zonden zij onderhandelaars naar Scipio en smeekten om genade. De overwinnaar stond hun het leven, maar ook niets meer dan het leven toe en zy namen dit aan; meer dan 30,000 mannen en 25,000 vrouwen, nauweyks liet tiende deel van de vroegere bevolking van Carthago, wierpen zich deemoedig voor Scipio te voet en werden daarna als slaven weggevoerd.

900 strijders bleven in den burg achter; zij hadden besloten, Hunne vrijheid niet dan met hun leven af te staan; in den tempel van den heilaanbrengenden god Aesculapius wilden zij zich verder verdedigen. Under nen bevond zich ook de veldheer Hasdrubal met zijne vrouw en zijne beide Kinderen.

Ook hier begonnen de levensmiddelen te ontbreken. Nadat zij dappei gestreden hadden, zagen zij zich door den hongerdood bedreigd, len einde di lot te ontgaan staken zij den tempel in brand; zij wilden liever in de vlammen omkomen, dan levend in de handen der Romeinen vallen.

Aan Hasdrubal ontbrak hiertoe de moed; hij was de eenige van die .hm» menschen, die uit het brandende gebouw vluchtte en Scipio op zijne killeen om lijfsbehoud smeekte. Terwijl hij nog aan de voeten des overwinnaars geknield lag, aanschouwde zijne vrouw hem van het dak des tempels; in bewoordingen vol biltere spotternij spoorde zij hem aan, om toch al zijn best ie doen tot redding van zijn ellendig leven, hierop wierp ze voor zijne oogen hare kinderen in de vlammen om zelf hen te volgen. Van de yoo bleet behalve Hasdrubal niemand in het leven.

De strijd was beslist. De gevangen Carlhagers werden als slaven verkocht, de tempelschatten uit de stad bij elkaar gesleept. Scipio gat ze deels aan de Grieksche steden van Sicilië, waaraan ze vroeger benoord liauuen, terug en stortte ze deels in de Romeinsche schatkist; vervolgens gat li ij de stad aan zijne soldaten ter plundering over. Hij wenschte Carthago te behouden en zond daarom eene boodschap aan den Romeinschen senaat, die alleen nel lot der slad bepalen kon. Tevergeefs poogde Scipio Nasica de senatoren tot zachtheid te stemmen, hij was niet bij machte om het besluit van den senaat, dat Carthago van den aardbodem verdelgd moest worden, een bestuit, waarop de Romeinsche kooplieden onstuimig aandrongen, aan het wankelen te brengen.

Scipio Aemilianus ontving bevel om de stad te verbranden en haar ine den grond gelijk te maken. Daarna moest de grond omgeploegd en de pek. waar Carthago gestaan had, ten eeuwigen dage in den ban gedaan worden, opdat op het vervloekte land nooit weder een huis verrijzen, noch een kolenveld golven zou. De zegevierende veldheer moest liet bevel van den senaat opvolgen. De huizen der stad werden in brand gestoken, zeventien dagen achtereen woedden de vlammen. Carthago werd zoo lot den grond toe verwoest, dat zelfs de plaats, waar de aanzienlijke stad gestaan neen, langen lijd onbekend is gebleven. Eerst in den laatsten tijd heeft men de overbhjlselen van den Carthaagschen stadsmuur opgegraven. Zij waren bedekt met eene aschlaag van 4 a 5 voet dikte, waarin nog stukken ijzer en allerlei werptuigen gevonden zijn.

Het had Scipio *) veel zelfbeheersching gekost om liet bevel van den

*) Scipio Aemilianus ontving naar aanleiding zijner zegepraal, evenals zijn beroemde adoptief grootvader, den bijnaam Scipio Africanus. Ten einde hem van dezen te onderscneiaen, noemden de Romeinen hem Scipio Africanus den jonge. —

Sluiten