Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

slrijdakst in de liand, op de strijdenden. Zelfs hare vluchtende mannen werden door haar als verraders ter aarde geworpen, vervolgens tastten zij den vijand aan. Ongewapende vrouwen ontrukten den Romeinen schild en zwaard en na een onbezweken moed ten toon gespreid te hebben, viel een aantal harer in den bloedigen strijd.

Het invallen van den nacht maakte een einde aan dit vreemdsoortig gevecht. Dit was de eerste, hoewel nog geringe zegepraal, door de Romeinen op de Germanen behaald, en Marius had zich niet misrekend, toen hij zijne troepen met zooveel overleg had opgesteld. Niets was noodzakelijker, dan dat zij eerst van hun bijgcloovige vrees voor de Germanen verlost werden, dat zij hun eersten schrik leerden overwinnen.

Thans waren de Germanen in hun oog niet meer onoverwinnelijk, daarmede was al veel gewonnen; nog altijd bleef er echter veel te doen over; want in weerwil van deze kleine overwinning boezemden de woeste krijgers het Romeinsche leger nog steeds een groolen schrik in.

Toen de nacht over het gebergte gedaald was en de soldaten naar de legerplaats teruggekeerd waren, keerde ook de angst voor de vreemde, spookachtige gedaanten bij hen terug: zij vreesden, dat de Germanen in een onverwachten aanval op het kamp hunne wraakzucht zouden koelen. Het woeste gehuil van toorn en smart, dat, aan liet gebrul van wilde dieren gelijk, uit het dal opsteeg en van berg lot berg weerklonk, vervulde de Romeinen met zulk eeue ontzetting, dat zelfs de dappere Marius zich niet geheel daarboven verheffen kon. Hadden de Germanen in dien nacht een aanval gewaagd, ze zouden tegen hun door vrees overmanden vijand zeker van de overwinning zijn geweest. Doch de aanval bleef uil, en toen de dag aanbrak, week met den terugkeer van bet licht ook de angst uit het hart der Romeinsche soldaten. De slag begon. Marius behaalde eene schitterende zegepraal: het gansche leger der Teutonen werd vernietigd. Duizenden werden gedood, duizenden gevangen genomen; onder de laatsten bevond zich een reusachtig legerhoofd, Teutobod. Slechts aan een klein deel van het Germaansche leger gelukte bet, zich terug te trekken, slechts enkelen bereikten op hunne vlucht de nabij gelegen wouden, doch hier werden zij grootendeels door vijandige Galliërs gegrepen en aan de Romeinen uitgeleverd.

Ook de geheele legerplaats met de vrouwen der Germanen en met den kostbaren buit viel den Romein in handen. Doch het was er verre af, dat de vrouwen zich gewillig gevangen lieten nemen. Zij eischlen van Marius de verzekering, dat hare eer niet geschonden zou worden; zij boden zelfs aan om als Vestaalsche priesteressen in de Romeinsche tempels dienst te doen, dan wilden zij zich overgeven. Toen Marius dit verzoek afsloeg, doodden zij elkaar wederkeerig en verpletterden zij hare kinderen voor de oogen der overwinnaars, door ben met bel hoofd tegen de steenen te slingeren. Aan haar zouden de soldaten hunne lusten niet koelen en een kamp vol lijken was alles wat den Romeinen in handen viel.

Marius had gezegevierd en welke overwinning had hij behaald! De cijfers der gesneuvelden en gevangenen, ons door de oude geschiedschrijvers meegedeeld, zijn waarlijk reusachtig groot. Vellejus berekent het aantal der gesneuvelden op 150,000, terwijl Orosius spreekt van 200,000 gesneuvelden en 80,000 gevangenen. Plutarchus verhaalt, dat er in het geheel 100.000 man gevangen genomen en gedood zijn. Al zijn deze getallen ook ongetwijfeld overdreven, zeker is het, dat de zegepraal, door de Romeinen in het jaar 102 bij Aix op de Teutonen behaald, allerluisterrijkst en tevens van liet hoogste gewicht voor het Romeinsche rijk was. Dat het aantal gesneuvelden ontzettend groot moet geweest zijn, blijkt uit de omstandigheid, dat de burgers van Massilia later met de reusachtige beenderen der verslagenen hunne wijnbergen omtuinden en dat de daar begraven lijken, tot ontbinding overgegaan, aan den grond eeuwen lang eene buitengewone vruchtbaarheid bijgezet hebben.

Sluiten