Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den dag komen, eer hij liet volk, dat altijd naijverig is op zijne voorrechten, door het aannemen van zijne overige wetten voor zich gewonnen had. In het geheim stelde hij zich met de bondgenooten in verbintenis en hij beloofde hun, dat hij met kracht als verdediger hunner rechten zou optreden.

Deze drie wetsvoorstellen van Drusus vonden den hevigslen tegenstand bij de ridders en bij een gedeelte van den senaat. De eersten zochten de wet ten aanzien van de opdracht der rechterlijke macht aan den senaat te doen verwerpen. en dit zou ook zeker gehikt zijn, indien Drusus niet, in strijd met eene pas uitgevaardigde wet, zijne drie wetten in één enkel voorstel had samengevat; naardien hierdoor allen, die voor de twee eerste voorstellen — betreffende de akkerverdeeling en de korenuitdeelingen — wilden stemmen, zich genoodzaakt zagen om ook zijn voorstel ten aanzien der rechtsmacht van den senaat aan te nemen, gelukte liet Drusus, hoewel dan ook na hevigen strijd met den consul Philippus, zijne voordracht tot wet te doen verhellen. Die zegepraal werd door bel volk met uitbundig gejuich begroet en Drusus in den schouwburg met luide toejuichingen als weldoener des volks ontvangen. De strijd was daarmee echter nog niet ten einde. De consul Philippus eischte, dat de senaat de Livische wet (dezen naam ontving zij naar Marcus Livius Drusus) zou vernietigen, dewijl, in strijd met de bestaande wettelijke bepalingen, de drie voorstellen van Drusus in ééne voordracht waren samengevat. Hiermede kon de senaat zich echter niet vereenigen. Daarop verklaarde Philippus openlijk op de markt, dat, wanneer deze senaat de wet verbrak, hij wel een anderen zou welen te vinden, die in slaat was om den staat te besturen.

Drusus aanvaardde den strijd- De senaat werd door hem samengeroepen en toen hij in deze vergadering zijne klacht tegen Philippus indiende, ontving de consul eene ernstige berisping.

Thans moesten de vijanden van Drusus bedacht zijn op andere middelen, om zijne wet te vernietigen. Het was hun bekend geworden, dat de tribuun in geheime verbintenis stond met de Italiaansche bondgenooten. Zij verbreidden dus overal bel gerucht, dat Drusus zich aan landverraad had schuldig gemaakt. Dit gerucht verspreidde zicli al meer en meer en verwekte den man, die kort geleden nog zoo hoog in aanzien stond, een groot aantal vijanden. Vele senatoren vreesden de aangroeiende macht van Drusus, zij zagen in hem 'een tweeden Gracchus, en toen Philippus andermaal in den senaat er op aandrong, dat de Livische wet zou worden afgeschaft, was het met beter gevolg dan de eerste maal, want de meerderheid besliste in zijn voordeel.

Dit was eene overwinning der ridderschap, maar toch was zij hiermede niet tevreden. Zoolang Drusus leefd", had men altijd nog te duchten, dat hij zijne wetten opnieuw voorstellen en eindelijk tot uitvoering brengen zou. Langs den weg van recht kon niets uitgericht worden tegen een man, die zich strikt binnen de perken der wet hield, die zelfs, toen de senaat het besluit ter vernietiging bad genomen, allen verderen tegenstand voor liet oogenblik opgaf. Drusus moest onschadelijk gemaakt worden, — een sluipmoordenaar was licht te vinden.

Toen hij op zekeren avond, door zijne vrienden vergezeld, huiswaarts keerde en voor zijne woning afscheid van hen wilde nemen, drongen verscheidene mannen om hem been. Op eens zakte hij in elkander, want een moordenaar had hem met vaste hand een dolk in de borst gestooten. Enkele uren daarna gaf hij den geest. Niemand had den moordenaar herkend, hij was in de schemering verdwenen. De ridderschap wist te bewerken, dat er geen verdere nasporingen werden gedaan en dat alle gerechtelijk onderzoek achterwege bleef.

Sluiten