Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van dien Labienus, die eens de vriend, doch later de meest verbitterde te-enstander van Caesar was geweest.

In de lente van het jaar 40 v. Chr. rukte Antonius zich eindelijk uit de armen der schoone Cleopatra en van de weelderige feestmalen in Alexandrië los met het p an om tegen de Parthen op te (rekken. Doch weldra veranderde hij van besluit, hij volgde de oproeping zijner echtgenoot. Te Athene ontmoette hij zoowel haar als zijne moeder Julia, die tot Sextus Pompeius gevlucht en door dezen op de meest eervolle wijze ontvangen was. Hier trof hij ook een groot aantal vrienden van Pompejus aan. die hun uiterste best «leden om hem tot een verbond met Sextus en tot eene oorlogsverklaring aan Octavianus over te halen. °

Antonius kon nog niet tot een vast besluit komen. Hij wilde niet voor goed met Octavianus breken en evenmin het verhond met Sextus Pompeius en Domilius Aheno barbus van de hand wijzen, en was dan ook volstrekt niet evreden over de al te voortvarende handelwijze zijner vrouw en zijner vrien-

'i!1'»"' L-, , Inel 0ctavla,uls ontijdig veroorzaakt hadden. Men verhaalt «lat hij rul via daarover scherpe verwijten deed. welke de door de ontrouw van haar echtgenoot buitendien reeds diep gekrenkte vrouw zóó griefden dal zij kort daarna stiert.

Antonius was thans wel tot handelen gedwongen; hij voerde zijne vloot derhalve naar Italië en belegerde Brundisium, dat hem niet binnen zijne muren wilde ontvangen, terwijl Sextus Pompejus den strijd in Brutlië en op Sardinië begon, 1 och was liet noch Antonius, noch Octavianus met dezen oorlog recht ernst. Beiden duchtten eene nederlaag, beiden wenschten dan eerst voor goed met elkaar te breken, wanneer de republikeinsche partij, die nog altijd in Sextus Pompejus een aanvoerder bezat, geheel vernietigd zou zijn. Beiden vreesden daarenboven, dat zij door een ernstigen strijd het misnoegen hunner \eteranen gaande zouden maken, daar de oude Caesarianen zoowel aan Antomus als aan Octavianus zeer gehecht waren en zij openlijk hunne ontevredenheid te kennen gaven, dat de aangenomen zoon en de beste vriend van Caesar elkaar wederkeerig bestreden. Met luider stem eischten de soldaten, dat men vrede sluiten zou.

Zoowel Antonius als Octavianus waren geneigd om zich naar den wensch hunner legers te schikken en zóó kwam weldra de vrede van Brundisium lot stand. Antonius verbrak zijn verbond met Sextus Pompejus, daarentegen schonk Octavianus genade aan Domitius Ahenobarbus, die als stadhouder naar Ditnynie gezonden werd. Het driemanschap werd vernieuwd; Lepidus behield «Ie provincie Afrika Antonius het oostelijk, Octavianus het westelijk deel van het Komeinsche rijk. Om ook door banden des bloeds het nieuwgesloten \nendschapsverbond te versterken, nam Antonius de schoone en beminnelijke, zuster van Octavianus, Octavia, tot vrouw.

36*

Sluiten