Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ZES EN ZESTIGSTE HOOFDSTUK.

Oproer te Rome. Vrede met Sextns Pompejus. Nieuwe oorlog tusschen Pompejus en Octavianus. Overwinningen van Agrippa. Vlucht en dood van Pompejus. Opstand en onderwerping van Lepidus. Zegetocht van Octavianus naar Rome. Octavianus'bewind. Agrippa als aedil. Oorlog van Antonius tegen de Parthen Antonius van Octavia gescheiden. Antonius en Cleopatra. Onherstelbare breuk tusschen Antonius en Octavianus. Begin van flen oorlog. Slag bij Actium. Vlucht van Antonius naar Egypte. Trouwloosheid van Cleopatra. Zelfmoord van Antonius. Cleopatra en Octavianus. Dood der overspelige koningin.

De bevolking van Rome was innig verheugd, toen het de tijding van den te Brundisium gesloten vrede vernam. Thans, hoopte zij. zou de rust eindelijk weer hersteld worden en zou Sextus Pompejus niet langer met zijne vloot den aanvoer van koren verhinderen. Thans zou er zoowel aan den hongersnood als aan de drukkende belastingen een eind komen. Zij zag zich in hare verwachtingen droevig teleurgesteld.

De oorlog met Sextus Pompejus moest worden voortgezet, de schatkist was ledig en nieuwe belastingen moesten opgebracht worden om de oorlogskosten te dekken. Het volk werd ten gevolge van dit alles hevig verbitterd. Tevergeefs poogden Antonius en Octavianus, die te zamen naar Rome teruggekeerd waren, de woedende volksmenigte door minzame toespraak tot bedaren te brengen; steenworpen maakten het eenig antwoord van den opgewonden volkshoop uit. Er brak een oproer uit. hetwelk Antonius slechts door kracht van wapenen en door bloedige gestrengheid onderdrukken kon.

Onder zulke omstandigheden was er aan het voortzetten van den oorlog legen Sextus Pompejus groot gevaar verbonden. De beide driemannen besloten dus met den ouden vijand onderhandelingen over een voor hen voordeeligen vrede aan te knoopen.

Pompejus zou den strijd gaarne doorgezet hebben; hij koesterde goede hoop op de overwinning, want nog altijd bestond er in Italië eene sterke republikeinsche partij, die hem als haar natuurlijk hoofd beschouwde en die in dezelfde mate machtiger werd, waarin het door den hongersnood in de engte gedreven volk meer en meer van Caesars aanhangers vervreemdde.

Slechts schoorvoetend ging Pompejus derhalve tot het aanknoopen van onderhandelingen over; hij werd daartoe bijna gedwongen door zijne aanhangers, die den langdurigen oorlog moede waren en verlangend naar den vrede uitzagen, om naar hunne geliefde stad Rome terug te kunnen keeren.

Bij Misenum had in den zomer van het jaar 39 eene samenkomst der drie veldheeren plaats, waarin de vrede lot stand kwam. Sextus Pompejus verbond zich om Italië van koren te voorzien en ontving daarentegen eene schadeloosstelling in geld voor de verbeurdverklaarde goederen zijns vaders. Sicilië, Sardinië. Corsica en de Grieksche Peloponnesus werd hem afgestaan, terwijl zijne aanhangers volle kwijtschelding ontvingen en naar Rome mochten terugkeeren. Alleen de moordenaars van Caesar waren van de amnestie uitgesloten. Schitterende feesten volgden op deze verzoening, die door familie-

Sluiten