Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

mond vol had van verhalen omtrent hare uitspattingen, eindelijk met den zoon van den voormaligen triumvir Antonius eene liefdesbetrekking aanknoopte; toen Livia lieur gemaal kon meedeelen, dat Antonius zich van den troon wilde meester maken en dal Julia hem in de volvoering van dat plan behulpzaam was, toen behaalde de arglistige vrouw de zegepraal over hare vijandin.

Augustus gebruikte Julia's losbandige leefwijze als voorwendsel om haar in het jaar 2 n. Chr. naar het eiland Pandataria aan de Campanische kust te verbannen. Dat echter deze verbanning van Julia niet, gelijk de meeste geschiedschrijvers verhalen, een gevolg was van de onbeschaamde wijze waarop Julia des keizers zedelijk gevoel gekwetst had, blijkt uit de omstandigheid, dat al de mannen, tegen wie gelijktijdig een rechtsgeding aangevangen werd, mededingers van Tiberius waren.

Thans had Livia de handen vrij. De oude raadslieden van Augustus. Agrippa en Maecenas, waren sinds lang overleden. Julia was onschadelijk gemaakt, de keizerin kon thans ongehinderd al hare krachten inspannen en al haar invloed aanwenden, om Tiberius tot troonopvolger te doen benoemen.

Tiberius nam reeds gedurende de laatste jaren van Augustus' leven aan de regeering deel. De belangrijkste zaten werden hem opgedragen. Voor hem bogen volk en senaat, als voor hun toekomsligen heer.

In stilte dacht Augustus nog wel van tijd tot tijd er aan, dat hij aan zijn kleinzoon Agrippa Posthumus een deel zijner nalatenschap moest vermaken, maar tegenover de heerschzuchtige Livia durfde hij dit denkbeeld nauwelijks uitspreken; slechts in stilte bezocht hij Agrippa op het eiland Planasia, waar hij zich — naar men verhaalt — geheel met hem verzoend en hem, onder hel storten van bittere tranen, hartelijk omarmd heeft. Doch Livia wist wel zorg te dragen, dat dit onderhoud geene gevolgen had, ja dat het niet eens bekend werd. De vertrouweling van Augustus, die hem naar Planasia vergezeld had, werd kort daarna, in den zomer van het jaar li n. Chr., door een plotselingen dood weggerukt. Weinig tijds na dat bezoek op Planasia vergezelde de keizer den zoon van Livia, die naar Illyrië vertrekken zou, tot aan Beneventum. De 76jarige grijsaard was nog frisch en gezond en was juist op dezen zijn laatsten tocht vroolijker en opgewekter dan men hem in langen tijd gezien had.

Na van Tiberius afscheid te hebben genomen, wilde hij naar Rome terugkeeren, doch moest te Nola blijven, dewijl hij zich onwel gevoelde en de aanvankelijk lichte ongesteldheid plotseling verergerde. Hier overleed hij den 19™ Augustus van het jaar 14 n. Chr.

Weer werd te Rome het gerucht verspreid, dat het vergif der keizerin een eind aan het leven des keizers gemaakt had, dewijl zij beducht was dat Agrippa Posthumus geheel in de gunst zijns grootvaders hersteld zou worden.

Ook dit vermoeden kan door geen enkel feit bewezen worden; hoogst verdacht echter is de omstandigheid, dat Agrippa Posthumus terstond na Augustus' dood op Planasia vermoord werd.

Livia snelde op het eerste bericht van des keizers ziekte naar Kola. Van hier zond zij onmiddellijk boden naar Tiberius, om dezen terug te roepen, en zij maakte den dood van haar gemaal niet bekend, voordat haar zoon aangekomen was. Het paleis was met schildwachten omringd, niemand mocht eenige lijding naar buiten brengen; het is daarom hoogst twijfelachtig, ol Tiberius den keizer nog levend aangetroffen heeft. Doch ontwijfelbaar zeker is het wel, dat Agrippa niet, gelijk Tiberius voorgaf, vermoord is ingevolge een nagelaten bevel van Augustus, maar alleen, opdat hij geen aanspraak op hel gebied zijns grootvaders zou kunnen maken.

Sluiten