Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ook de wingewesten werden onder de regeering der keizers betrekkelijk weinig onderdrukt, ja het was voor hen volstrekt niet onvoordeelig, dat de stadhouders gevaar liepen, door een willekeurig bevel des keizers, zonder gerechtelijk onderzoek hun hoofd te verliezen.

De schitterendste zijde der keizerlijke regeering biedt ons de door liaar tot stand gebrachte eenheid des rijks aan. Thans konden de staten der beschaafde wereld niet langer in bloedige oorlogen elkaar vernietigen. Zij stonden allen onder één hoofd; de belangen van handel en nijverheid, van wetenschap en kunst snoerden hen met een hechten band aan elkaar, en de meeste keizers trachtten dezen band nog nauwer toe te halen, door kanalen en wegen aan te leggen, door verbetering in het postwezen aan te brengen, door eene algemeene politie in het leven te roepen, die de wegen zuiverde van de roovers. welke tol dusver het verkeer hoogst moeilijk hadden gemaakt.

Zelfs de vroeger barbaarsche landen, als Spanje, Brittannië, Gallië, de i0,1311 landen enz., werden door deze maatregelen onder de beschaafde staten (Ier oude wereld opgenomen. Scholen werden daar naar het voorbeeld der Romeinen opgericht en op Romeinsche leest geschoeid. De beschaving, maar ook de overbeschaving der Romeinen verbreidde zich bij die volken, Romeinsche kunst en wetenschap, maar ook helaas! Romeinsche ondeugden vonden bii hen eene kweekplaats.

Deze verbreiding der beschaving ook in de barbaarsche landen werd zeer bevorderd door de omstandigheid, dal in het uitgestrekte rijk eigenlijk slechts twee talen gesproken werden. Hoewel in iedere provincie de oorspronkelijke inwoners hunne eigen taal bleven spreken, leerden zij toch spoedig óf Grieksch of Latijn. De beschaafden van alle natiën spraken beide talen, i e yereen'ë'n8 van alle natiën lot één grooten staal was zeker liet helderste lichtpunt van den keizertijd, hetwelk ons te meer in hel oog valt door de opmerking, dat handel en nijverheid eene hooge vlucht namen, dat kunst en wetenschap meer en meer het eigendom der geheele wereld werden, ja dat zij zich lot een hoogen trap van bloei verhieven in landen, die tot dusver aan alle beschaving, hoe ook genaamd, vreemd waren gebleven. Nog lieden ten dage aanschouwen wij met bewondering de overblijfsels der prachtige gebouwen, die door de hand van kunstenaars in de Gallische en Germaansche provinciën zijn opgericht, gelijk te Nimes, te Arles en te Trier. Deze blijken eener reeds zoo ver gevorderde beschaving in landen, die nog voor korten lijd door woeste stammen bewoond werden, leveren ons de onwederlegbare bewijzen voor de macht der beschaving, die, van Rome als middelpunt uitgaande, zich over geheel de wereld verbreidde. Maar met dien uiterlijken glans ging innerlijk bederf hand aan hand. Werpen wij, om dat woord bevestigd te zien, een blik op den inwendigen toestand des rijks en beginnen wij met de hoofdstad, die ons in dit opzicht een welgelijkend beeld van den ganschen staat oplevert.

Sedert den brand in het jaar 64, onder Nero's regeering, was op de plaats van het oude Rome met zijne nauwe, bochtige, donkere, aan weerszijden door hemelhooge buizen bezette straten eene nieuwe, prachtige residentie verrezen, eene stad waardig om de hoofdstad van een wereldrijk te zijn.

»|\ie in die dagen van den hoogen Capitolijnschen heuvel naar beneden zag, diens blik verloor zich tusschen eene menigte prachtige gebouwen, paleizen en gedenkteekenen van allerlei aard, die zich aan zijne voeten over eene oppervlakte van vele mijlen langs vlakte en heuvel uitbreidden, om zich eindelijk in schemerende verte te verliezen. Waar thans eene eenzame, met bouwvallen bezaaide vlakte zich in de richting van het Albaansch gebergte uitstrekt, waarover een zware, met smetstof bezwangerde dampkring hangt, daar aanschouwde men toen eene zeer gezonde, overal bebouwde, door druk bezochte wegen doorsneden vlakte.

Aan geen enkelen kant had de stad eene eigenlijke grens. Nergens zag

Sluiten