Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DRIE EN TACHTIGSTE HOOFDSTUK.

Opstand der legioenen. Nederlaag van Philippus. Regeering van Decius. De Gothen. Nederlaag en dood van Decius. Gallus' smadelyk verdrag met de Gothen. Mareus Aemilianns. Valerianus en Gallienus. Inwendige en uitwendige beroerinsen. Muntvervalsching. Invallen der barbaren. Ongelukkige oorlog tegen de Parthen. Valeiianus' gevangenschap en dood. Regeering van Gallienus. De overweldigers. De tijd der 30 tyrannen. Odenathus van Palmyra. Acilius Aureolus. Dood van Gallienus. Claudius en zijne regeering. Voordeelen, op de barbaren behaald. Slag bij Naïsus. Dood van Claudius. Aurelianus aan het bewind. Overwinningen op de barbaren. Strijd tegen de overweldigers. Odenathus en de schoone koningin Zenobia. Verwoesting van Palmyra. Overwinningen van Aurelianus. Zijn zegetocht.

Philippus zat niel vaster op den troon dan zijn voorgangers. Ook tegen hem stonden de legioenen in de provinciën op. Het gevaarlijkste scheen de opstand in Moesië. Om dit oproer te dempen, zond de keizer den senator Gajus Messius Decius af, die zich van deze taak met den gelukkigsten uitslag kweet, doch nu zelf door de soldaten gedwongen werd om den keizerstitel aan te nemen. Hij deelde dit aan Philippus mede en beloofde hem, na zijne terugkomst in Italië, vrijwillig de teekenen der keizerlijke waardigheid weer af te leggen.

Philippus, die de eerzucht van Decius naar de zijne afmeette, trok tot zijn eigen ongeluk tegen den vermeenden vijand op. want toen de beide keizers aan het hoofd hunner legers op elkander stietten, besliste het krijgsgeluk ten voordeele van Decius. Philippus verloor öf gedurende den slag öf na het gevecht kroon en leven en Decius werd door senaat, volk en leger in het jaar 249 eenstemmig als keizer erkend.

Decius was een man van groote geestkracht en van een vasten wil. Als een vurig dweper met den Oudromeinschen geest koesterde hij omtrent den aan zijne zorgen toevertrouwden staat de beste voornemens; hij wilde aan hel ondermijnde en vermolmde staatsgebouw de vroegere hechtheid en den vroegeren glans terugschenken. Jammer slechts, dat hem hiertoe de lijd niet gelaten werd.

Ten einde de Oudromeinsche zeden opnieuw in te voeren, herstelde hij het verouderde ambt van censor in zijne vroegere, gewichtige beteekenis. Alle nieuwigheden verfoeide hij; daarom koesterde hij ook eene bittere vijandschap tegen de Christenen, die hij met gruwelijke wreedheid vervolgde. Al zijne hervormingsplannen moest hij echter onuitgevoerd laten, daar reeds spoedig na liet begin zijner regeering een nieuwe en gevaarlijke vijand van builen het Komeinsche rijk bedreigde.

De Gothen, een Germaansche volksstam, hadden vroeger in het tegenwoordige Pruisen, aan de oevers van den Weichsel gewoond. Thans waren zij naar de noordelijke kusten der Zwarte Zee verhuisd, of wel andere daar wonende Germaansche volken hadden den naam der Gothen, met wie zij verwant waren, aangenomen.

De schatten der Romeinsche wingewesten lokten de barbaren aan. Hun koning Cnisva drong met 70,000 man in Moesië binnen; hunne benden over-

Sluiten