Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Anna van Beanjeu. Regentseliapsraad. Rijksdag te Tours.

Beauieu, den Interen hertog van Bourbon. Haar had Lodewijk XI zelfde zorg voor den knaap toevertrouwd en Anna had de kunst verstaan, zich de lietde haars broeders te verwerven. Zij was eene krachtige, schier maiilnke vrouw. naar men zegt. in vele opzichten het evenbeeld haars vader. Dewijl zij beslolen had zich in het bewind te handhaven, verbond zij zich met de invloedrijkste edelen, met wier hulp zij wist door te zetten, dat een regeeringsraad van 15 mannen, grootendeels uit hare aanhangers bestaande, benoemd werd Dewijl kort daarop de koningin-moeder stierf, had zij alleen nog der. hertog van Orleans te bestrijden. ..... 1, v-.u--

Anna poogde hare macht te bevestigen door te streven naai de volksgunst waarin de hertog van Orleans lot dusver meer gedeeld had dan1 zij De meest gehate raadsman en dienaar van Lodewijk XI, zijn bereid\aardig werktuig bij elke daad van geweld, Olivier le Dain, werd door het parlement ter dood veroordeeld en onthoofd; andere werktuigen van Lodewijks dwingelandij, die door hem met gunstbewijzen overladen waren , werden van hunne goederen beroofd en meer dan één harde maatregel werd ingetrokken. Doch da alles was niet voldoende om de openbare meening inet den regentseliapsraad le verzoenen en deze moest dus wel besluiten, de stenden te Tours bijeen le roepen.

' '"oe^ beraadslagingen, op deze vergadering der stenden gehouden, geven ons een duidelijk beeld van den ondragelijken druk, waaronder liet Fransche volk vooral gedurende den laatsten lijd van Lodewijks regeering. zuchtte. Luide klachten werden aangeheven over de onzinnig hoog opgedreven belastingen over de steeds toenemende verarming des volks, over de onrechtvaardigheid en omkoopbaarheid der rechters en de afpersingen van geweten-

looze beambten. , f

Stormachtige beraadslagingen werden gehouden over de vraag, ol de prinsen van den bloede liet recht hadden 0111 gedurende de minderjarigheid eens konings deel te nemen aan de regeering. Over dit onderwerp werd menig moedig en vrijmoedig woord gesproken. Zoo trad b. v. de Bourgondische afgevaardigde Philips Pot, heer van La Roche, op met de echt democratische verklaring, dat de koningen oorspronkelijk door liet volk verkozen waren, dal aan het volk, niet aan de prinsen, liet recht tot aanstelling van een raad van regentschap toekwam en dat deze dus door de stenden benoemd moest worden

Wel vond het woord van den heer La Roche grooten bijval, doch hel irjnjr in die stendenvergadering evenals in menig hedendaagse!) parlement. De afgevaardigden juichten de vrijzinnige redevoering toe, doch lieten zich in hunne besluiten geheel beheerschen door hen, die het gezag 111 handen hadden en waagden hel zelfs niet, nieuwe bepalingen omtrent de regeering

l' "Tot''belooning hiervoor werden de belastingen voor de eerstvolgende jaren belangrijk verminderd: overigens bleef alles bij liet oude. Anna van Reaujeu bleef het bewind voeren, hoewel zij geen plaats 111 den regenlsehapsraad bekleedde, zij regeerde iu naam van den jongen koning, die haar blindelings

gehc'^aannate de hertog van Orleans zich meer op den achtergrond gedrongen zag, wenschte hij vuriger zijne vijandin ten val te brengen. Na meer dan ééne vruchtelooze poging verbond lnj zich met de invloedrijkste Fianschc edelen die bijna zonder uilzondering door Anna beleedigd waren, /.ijn voornaamste bondgenoot was hertog Frans II van Brelagne die mets liever wenschte dan van de innerlijke tweespalt van het koninklijk geslacht pait.j le trekken, 0111 zich weder lot zijne vroegere onafhankelijkheid te verhelen.

Anna van Beauieu verloor in dezen hachehjken toestand haar moed en beradenheid niet; nu eens door middel van belofte en overreding, dan weder door geweld wist zij de meeste aanhangers van den hertog van Orleans lol hare zijde over te halen. Tegen den hertog van Rretagne zond zij een leger

Sluiten