Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Luther en zijne bestrijders. Luther naar Rome ontboden.

Frankfort aan den Oder, die des te liever de partij van den Dominicaan omhelsde, dewijl hij daardoor niet alleen aan Luther, maar ook aan deuniversiteit te Wittenberg een gevoeligen slag hoopte toe te brengen. De jeugdige hoogest'hool te Frankfort toch, door keurvorst Joachini gesticht, was eene mededingster van die te Wittenberg en Wimpina zag alles, wat van daar uitging, met nijdige oogen aan. Ten gevolge hiervan werd Frankfort weldra het brandpunt van alle de hervorming vijandig gezinde elementen, terwijl omgekeerd al hare vrienden zich te Wittenberg vereenigden.

Ook te Rome greep een aanzienlijk Dominicaan, de voormalige censor ues pausen. Sylvester Prierias, naar de pen, om een strijdschrift tegen Luther in bet licht te zenden.

Zulke aanvallen dwongen Luther om op zijne beurt de pen op te vatten en in kernachtige, vaak bijtende taal de bittere beschuldigingen, hem naar liet hoofd geworpen, te ontzenuwen. Daardoor werd de aangevallene steeds dieper in den geestelijken strijd gewikkeld.

lot dusver was de gedachte niet bij hem opgekomen om den paus zelf, dien bij nog altijd met geloovig, zelfs door zijne reis naar Rome niet geschokt vertrouwen, als het rechtmatig opperhoofd der kerk beschouwde, aan te vallen, doch spoedig sleepte liet strijdgewoel hem zoover voort, dal hij eene nieuwe, stoute bewering waagde. »\\ anneer de paus en de kerkvorsten—- zoo schreef bij den schandelijken aflaathandel goedkeurden, dan was Rome de zetel van _den Antichrist. liet was slechts eene voorwaardelijke stelling, aan een "indien vastgeknoopt, en Luther vermoedde niet, dat hij door haar uit te spreken tegen de gelieele beslaande orde der kerk in verzet kwam; loch was dit het geval en Luther werd door de gevolgen van zijn eersten stap steeds tot nieuwe en belangrijke slappen genoopt.

De verbitterde Dominicanen waren niet blind voor het gevaar, dat hen en de gelieele kerk bedreigde; de strijd, tol dusver alleen met geestelijke wapens, met woord en schrift gevoerd, deed het katholicisme reeds op zijne grondvesten trillen. Zulk een tegenstander moest niet langer met woorden worden bestreden, de kerk moest al hare macht aanwenden om hem te verpletteren.

De afschuwelijke ketter moest voor de geestelijke rechtbank gedaagd en door haar aan den brandstapel, dien hij wel en wettig verdiend had, overgeleverd worden. Het lot van Johannus Huss moest ook dat van Luther worden. De Dominicanen wendden zich niet eene aanklacht tegen Luther tol den paus en drongen op een onderzoek van diens zaak aan.

Leo X had de zaak aanvankelijk vrij licht opgenomen. Hij beschouwde haar als een armzaligen monnikenlwist tusschen de orden der Augustijnen en Dominicanen, die altijd vijandig tegenover elkander stonden. Doch toen de klachten der laatslen steeds dringender werden, zag bij zich eindelijk gedrongen om Luther naar Rome Ie ontbieden, opdat hij zich daar tegen de ingebrachte beschuldiging verdedigen zou.

Naar Rome te gaan was voor den hervormer hetzelfde als den dood in de kaken Ie loopen ; daar wachtte hem onvermijdelijk de brandstapel. Luther en zijne vrienden wisten dit zeer goed en de laatsten drongen derhalve bij hem er op aan, dat hij aan die oproeping geen gevolg zou geven.

lol zijn geluk vond bij bescherming bij zijn landheer, den machtigen keurvorst, Frederik den Wijzen. Frederik was een vroom man en een ijverig katholiek ; in vroegere jaren had hij zelfs eene bedevaart naar Palestina gedaan en de Allerheiligenkerk te Wittenberg getuigde in een groot aantal kostbare relieken van zijne Irouw aan de kerk. Maar hij behoorde niet tot de streng-orthodoxe partij, hij hield niet van de Dominicanen en was niet ongunstig gestemd ten aanzien van het streven der humanisten zijner dagen. Hij was trotsch op de door hem gestichte Witlenbergsche hoogeschool en op den vrijen geest, die daar heerschte. Dr. Luther beschouwde hij als een

Sluiten