Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Tegen-junta voor den vrede. Nederlaag der junta bij Villalar.

Xeres en andere, zich mei elkaar, om eene tegen-junta vóór den vrede en den koning le vormen. Zelfs Burgos werd zijnen ouden bondgenoolen ontrouw. Slechts door standvastig en eendrachtig te handelen hadden de steden, die tot de heilige junta behoorden, haar doel kunnen bereiken. Doch juist op dit beslissend tijdstip bestoud er tusschen haar op meer dan één punt een kleingeestige naijver, welke zelfs oorzaak werd, dat niet Padilla, maar Don Pedro Giron, een edele, die inet den keizer in onmin leefde, lot opperbevelhebber van de troepen der junta benoemd werd. Padilla trok zich diep gekrenkt met velen zijner aanhangers terug.

De gevolgen van deze treurige tweespalt kwamen oogenblikkelijk aan het licht. Don Pedro Giron was volstrekt niet berekend voor zijne taak. Hoewel zijn leger de koninklijke troepen in getalsterkte verre overtrof, trok hij van zijne overmacht geen partij. Den 5en December 1Ü20 gelukte hel den koningsgezinden, Tordesillas stormenderhand le bemachtigen en zich van de waanzinnige koningin meester te maken.

Het volk schreeuwde luid verraad en beschuldigde Don Pedro Giron, dat hij in geheime verstandhouding met de koninklijken gehandeld had. Hetzij omdat Giron zich inderdaad schuldig gevoelde, hetzij omdat hij den opstand moede was, hij legde het opperbevel neder. In zijne plaats benoemde de junta don Pedro Lasso tot aanvoerder; doch de soldaten haalden Padilla in hun midden en plaatsten hem aan hel hoofd des legers.

Het was te laat! Te vergeefs spanden Padilla en de bisschop van Zamora al hunne krachten in, om orde en eenheid onder de bondgenoolen le herstellen; zij waren er niet loe in staat. Toen de koninklijken den 23™ April la21 het leger dei' junta bij Villalar aangrepen, werd dit laatste in eene overijlde vlucht geheel ontbonden. Padilla, die lol hel laatste oogenblik met bewonderenswaardigen heldenmoed den strijd volgehouden had, moest eindelijk voor de overmacht zwichten. Hij werd op het slagveld gevangengenomen en reeds den volgenden dag mei eenige andere gevangenen ter dood gebracht.

De dood van Padilla en de nederlaag bij Villalar beslisten het lol van den opstand. Wel verdedigde Padilla's moedige gemalin, donna Maria Pacheco de slad Toledo nog zes maanden lang legen de koninklijke troepen, doch ook zij moest eindelijk den strijd opgeven en met haar zoon naar Portugal vluchten, waar zij in ellende stierf. De overige steden gaven zich zonder slag of stoot over: de heilige junta was te niet.

Terzelfder tijd werd ook de opstand te Valencia. welke met de Kastiliaansche beweging volstrekt niet in verband gestaan had, onderdrukt.

Het lot der overwonnen opstandelingen was in vergelijking met de wreedheid, welke de overwinnaars in dien lijd gewoonlijk aan den dag legden, tamelijk zacht. De meeste sleden ontvingen zeer dragelijke vredesvoorwaarden; alleen de meest beruchte leiders van den opstand en zij, die zich aan het vermoorden van koninklijke beambten schuldig hadden gemaakt, werden ter dood gebracht. *) Nog bevonden velen der opstandelingen zich in de gevangenis, toen keizer Karei V den IGcn Juni 1522 in Spanje terugkeerde. Hij gedroeg zich boven aller verwachting zachtmoedig en vergevensgezind, en vaardigde eene algemeene amnestie uit, van welke slechts ongeveer 70 personen, die zich aan bijzondere misdaden schuldig hadden gemaakt, uitgesloten waren; alle gerechtelijke onderzoekingen werden geëindigd en ook van hen, die niet in de amnestie begrepen waren, begenadigde de keizer later nog verreweg het grootste deel. Toen een zijner dienaars hem verklapte, waar don Avalos, een der veroordeelden, zich verscholen had, antwoordde de keizer hem toornig: »Het

*) De bisschop van Zamora, die op zijne vlucht naar Frankrijk gegrepen werd, moest

jarenlang in deu kerker zuchten j eerst toen hij bij eene verijdelde poging om zich met

geweld in vrijheid te stellen, een zijner wachters vermoord had, werd ook hij ter dood veroordeeld.

Sluiten