Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Staatkunde van Hendrik VII.

volgende woorden omschrijven: met liet buitenland trachtte hij den vrede te bewaren, tegenover zijne onderdanen streefde hij naar versterking en uitbreiding van de koninklijke macht, boven alles legde hij zich toe op regeling van hel geldelijk beheer.

Hendrik VII was een der merkwaardigste vorsten van zijn tijd. Baco stelt hem, met al zijne deugden en gebreken, op ééne lijn met Lodewijk XI en Ferd'inand den Katholieken en noemt dit drietal de drie Wijzen dier dagen. Ook de «Salomo van Engeland" is hij wegens zijne wijsheid genoemd, en te recht volgens Baco's meening, daar ook Salomo zijn volk onderdrukte. Het doel van zijn streven was niet. zich bij liet Engelsche volk bemind te maken, hij was tevreden, indien hij maar niet al te zeer gehaat werd, indien adel en burgers hem achting betoonden en het niet waagden, zich tegen zijn bewind te verzetten.

Hij was niet wraakzuchtig, niet wreed, niet boosaardig. Hoewel hij nooit schroomde een doodvonnis uit te spreken, waar zijne staatkunde dit eischte, was bij toch steeds tot zachtheid geneigd en waar zijne genade ingeroepen werd, schonk bij gaarne vergiffenis. . ,

Ranke schetst ons den merkwaardigen man op treilende wijze in ae

volgende woorden: . ,

«Een mager man van eene tamelijk lange gestalte, met blonde dunne haren, wiens aangezicht de sporen vertoonde der stormen, die over hem waren heengegaan; zijn uiterlijk deed meer aan een hoogen geestelijke dan aan een ridderlijken koning denken. Gelijk in alle opzichten, was hij ook hierin volkomen liet tegenbeeld van Eduard IV. Ook hij legde wel openbare vermakelijkheden aan en spaarde geen geld, om daaraan praal en luister bij te zetten, omdat zijne waardigheid dit vorderde, doch geene vermakelijkheden waren in staat hem aan ernstiger bezigheden te onttrekken. In zijn raad zalen uitstekende mannen, geleerde bisschoppen, beproefde veldlieeren en ervaren staatslieden; bij achtte het zijn plicht en zijn belang, hun raad in te winnen. Die raadslieden waren meestal niet zonder invloed, meer dan een hunner werd door hel volk beschouwd als de man. die aan des konings zeltzuchtigen wil paal en perk wist te stellen. Doch de algemeene leiding der zaken bleet in zijne handen berusten. Alles wat hij ondernam bereidde hij op de voorzichtigste wijze voor en wist hij in den regel ook door te zetten.

De vreemdelingen hielden hem voor sluw en arglistig, in liet oog zijner onderdanen lag er iets bovenmenschelijks in een beleid, dat hem immers tot zijn doel voerde. Indien hij bijzondere hartstochten bezat, dan wist hij die te onderdrukken, altijd vertoonde hij zich kalm en ellen van gemoed, karig met woorden, maar loch opgeruimd. Het voornaamste doel zijner werkzaamheid was allen invloed van buiten op zijn welingericht rijk af te weren.

Hij was niet oorlogzuchtig: wanneer de krijg onvermijdelijk was, ging hij er toe over, maar liever trachtte hij zijn doel door staalkundige onderhandelingen, door verdragen en familieverbintenissen te bereiken. Op die wijze wist hij den vrede met Frankrijk. Schotland en Spanje Ie herstellen. Aan koning .lacobus IV verloofde hij zijne dochter Margaretha en met Spanje sloot hij een nog inniger verbond, daar hij zijn oudslen zoon Arlhur met de infante; Calharina, de dochter van Ferdinand den Katholieken, in hel huwelijk deed treden, hoewel Arlhur eersl 46 jaar oud was. Toen de jonge echtgenoot kort na het huwelijk stierf, werd diens broeder Hendrik met Catharina verlootd.

De sluwe en trouwlooze staatkunde, door Hendrik \ II bij deze gelegenheid gevolgd, werpt een helder licht op zijn karakter. Alles was hem er aan gelegen, dit huwelijk tot stand te brengen, ten einde Catharina's bruidschat niet te verliezen en hel bondgenootschap met Spanje te bevestigen, doch te gelijk wenschte hij een middel te bezilten om de vereeniging elk oogenblik weer te kunnen ontbinden, indien hij voor zijn nog zeer jongen zoon wellicht een nog voordeeliger huwelijk kon sluiten.

Met dit doel deed hij aan den eenen kant wel moeite om de pauselijke dispensatie, welke de jonge Hendrik voor een huwelijk met zijns broeders

Sluiten