Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De ketters vervolgd. Het Covenant. Elisabeth koningin van Engeland.

Ook de graaf van Arran zwichtte eindelijk na menigen strijd: in het jaar 1554 gaf' hij aan de koningin het regentschap en de voogdij over.

Maria van Guise, de zuster van de dweepzieke vervolgers der hugenoten in Frankrijk, was de natuurlijke vijandin der hervorming. Al verhond zij zich somtijds, met staatkundige oogmerken, waar zij daarin voordeel meende te zien, met tegenstanders van hare godsdienstige overtuiging, en al willigde zij nu en dan uit hetzelfde beginsel den protestanten enkele voorrechten in, toch geschiedde dit steeds alleen onder het geheime voorbehoud 0111 ter gelegener tijd haar woord weer te breken. Ten einde zich van het regentschap meester te maken, had zij zich door tal van beloften van den bijstand der hervormden verzekerd, doch zij vervulde die beloften niet, de vervolging van de ketters begon opnieuw en de thans in Schotland reeds zeer talrijke protestanten werden daardoor genoopt zich nauwer bij elkander aan te sluiten. Den 3™ December 4557 sloten zij een verbond, het Covenant, waarin zij beloofden, uit alle macht de prediking van het zuivere woord Gods te bevorderen en de duivelsche afgoden der katholieken uit te roeien.

Ten gevolge van dit Covenant waren de protestanten in het oog van Maria van Guise natuurlijk nog gevaarlijker geworden dan vroeger; de vervolging van de ketters werd dan ook met verdubbelde gestrengheid en verbittering voortgezet; zoowel de protesten bij de regentes als de smeekschriften tot het parlement bleven zonder gevolg. Maria van Guise meende van den triomf der kerk zeker te zijn, dewijl zij juist in die dagen op eene krachtige ondersteuning van Frankrijks zijde kon rekenen. Hare dochter Maria Sluart toch was in April 1558 met den dauphin Frans van Frankrijk gehuwd, zij moest eenmaal koningin van Frankrijk worden, en daar zij ook opdenEngelschen troon aanspraak maakte, scheen zij dus bestemd om op haar schoon, jong hoofd drie koningskronen te vereenigen.

Zoo stonden de zaken in Schotland, toen de «bloedige" Maria van Engeland stierf. Op het eerste bericht van haar overlijden deed Maria Sluart terstond haar erfrecht gelden. Zij nam het Eugelsche wapen en den titel van koningin van Engeland aan; doch voorshands was zij niet in staat iets meer te doen, want de troon, waarop zij aanspraak maakte, was reeds door eene andere bestegen.

Elisabeth, de dochter van Anna Boleyn, was door het vergaderde parlement onmiddellijk na den dood van Maria met gejuich tol koningin uitgeroepen. Van Hatfield, hare gewone verblijfplaats, was zij den 23c" November 1558 naar Londen gereisd en, begroet door het onstuimig vreugdegejuich des volks, als Engelands koningin denzelfden Tovver binnengetrokken, waarin zij nog voor weinige jaren, van halsmisdaad beschuldigd, had gezucht.

Elisabeth (1558—1603) was bij hare troonsbestijging eene jonkvrouw van 25 jaar. Zij had evenals hare overleden zuster Maria eene stormachtige jeugd doorleefd. Vervolgd en gehaat, eerst door de latere gemalinnen baars vaders, daarna door hare zuster Maria, had zij onophoudelijk in gevaar verkeerd, doch haar krachtige geest was door die zware beproevingen niet neergebogen, maar gestaald; zij was daardoor ook niet verbitterd geworden, gelijk Maria, noch met bekrompen wraakzucht, maar alleen met blijdschap over hare redding uit alle gevaren bezield. Met frisschen moed en blijde hoop aanvaardde zij de regeering.

Elisabeth had van de gedwongen afzondering, waarin zij gedurende hare jeugd geleefd had, op voortreilelijke wijze partij getrokken om haar geest te beschaven en hare vermogens te ontwikkelen. Onophoudelijk had zij zich bezig gehouden met nuttigen arbeid, met wetenschappelijke studiën, met muzikale oefeningen en met vrouwelijke handwerken. Hare leermeesters roemden haar als eene groote geleerde. Met de oude talen, Latijn en Grieksch. was zij zoo vertrouwd, dat zij het eerste althans even vloeiend sprak en schreef als hare moedertaal. Ook de Fransche, Italiaansche en Üuitsche taal had zij met ijver en goed gevolg beoefend.

Sluiten